• Algemene informatie
    • De meeste konijntjes die verkocht worden in dierenwinkels zijn niet ouder dan 5 weken, maar voor het konijntje is het beter om 6-8 weken bij de moeder te blijven, zodat het nog moedermelk kan drinken. Pas als het konijn ouder is als 6 weken kan het droogvoer en groenten gaan eten.

      Konijnen behoren tot de haasachtigen en kunnen ongeveer vijf tot zeven jaar worden. Bepaalde rassen kunnen zelfs vijftien tot zestien jaar worden. Een mannetje noemen we een ram en een vrouwtje voedster. Konijnen zijn zindelijke dieren en kunnen ook binnen worden gehouden.

      Konijnen zijn gewend om in een groep te leven. Daarom zijn twee konijnen gelukkigere dan 1 konijntje alleen. Twee jonge vrouwtjes konijnen kunnen goed samen zijn. Gaan ze vechten dan zijn ze meestal in de pubertijd. Haal ze dan tijdelijk uit elkaar en laat ze met 6 maanden steriliseren. Zorg er wel voor dat ze elkaar kunnen zien en ruiken, zodat ze weer makkelijker te plaatsen zijn. Twee oudere, vreemde konijnen mag je nooit zo bij elkaar zetten, ze moeten eerst aan elkaar wennen. De beste keuze is een mannetje en een vrouwtje. Let er wel op dat het vrouwtje vanaf 3 maanden al vruchtbaar is. Het beste kun je het hok dan even in tweeën delen door middel van gaas. Het mannetje kan vanaf 5 maanden gecastreerd worden en blijft dan nog circa 4 weken vruchtbaar.

      De verzorging

      De keutels in het keutelhoekje dienen bij voorkeur elke dag weggehaald te worden. Het hok moet zeker een keer per week gereinigd en ontsmet te worden. In de zomer maanden dient het hok vaker te worden verschoond. Controleer je konijn ook goed of ze goed schoon is. Want vliegen komen af op plakpoep en leggen hierin hun eitjes die binnen een paar uur uitkomen, waarna de maden zich naar binnen in het konijn eten. Dit is erg pijnlijk voor het konijn en kan dan binnen een paar uur sterven.

      Konijnen die erg  haren zijn in de rui. Verstandig is het dan om het konijn te borstelen met een rubberen borstel.  Een angora konijnmoet elke 3 maand geknipt worden.

      Als de nagels te lang zijn gegroeid moeten ze geknipt worden. Je moet er voor oppassen dat je niet in het leven knipt.

      De Huisvesting

      Heb je maar 1 konijn dan kun je hem het beste in een kooi binnen zetten. Een binnenkooi kan het beste op een lage plek staan, een klein stukje boven de grond, maar niet onder een open raam of  voor de verwarming. Koop een zo groot mogelijke kooi , zodat het konijn  lekker ronduit kan lopen, languit kan liggen en rechtop kan staan en zodat er ook nog ruimte is voor een wc ( driehoekbak )en speeltjes.

      Er zijn verschillende soorten bodembedekkingen zoals zaagsel met kranten of stro. Voor een wc kun je organische vulling ( geperste hout- of papierkorrels) gebruiken.

      Een buitenhok moet op een tochtvrije plek staan, wind of regen mogen niet in het hok kunnen komen. Konijnen  kunnen niet goed tegen de zon dus zorg ervoor dat het hok dan in de schaduw staat. Het buitenhok moet ruim zijn zeker 1.50 meter breed en zeker 0.60 meter diep en hoog. Een gedeelte van het hok moet een nachthok zijn. Dit nachthok is een veilige schuilplaats die dieren altijd nodig hebben.

      Het is belangrijk dat het hok goed afgesloten kan worden zodat roofdieren het hok niet kunnen openen. Een konijn vindt het erg prettig om rond te rennen en te springen. Als een konijn nooit vrij mag rondlopen dan krijgt het zwakke botten en slappe spieren. Laat het konijn daarom minstens elke dag 3 uur loslopen. Konijnen zijn dol op speelgoed bijv harde kattenspeeltjes, lege toiletrollen om te versnipperen, een oude telefoongids om urenlang mee te scheuren of  een kartonnen doos gevuld met hooi en krantensnippers is een fijne graafplek. Net als wilde konijnen slaapt het konijn graag ‘s middags. ’s Ochtends vroeg en ‘s avonds hebben ze de meeste zin om op ontdekkingstocht te gaan en lekker te rennen en te spelen.

      De voortplanting

      De voedster ( vrouwtjes konijn ) is op een leeftijd van 4 ½  maanden in haar vruchtbare periode. Bij de ram ( het mannetje ) is dat op een leeftijd van 5 ½  maand.

      De castratie van een ram is mogelijk vanaf vijf a zes maanden leeftijd. Dit gaat onder plaatselijke verdoving. Het grote voordeel hiervan is dat er vrijwel geen complicaties zijn. Na de castratie is de ram nog zeker 4 weken vruchtbaar en moet dan nog gescheiden

      worden van de voedster. Het steriliseren van de voedster kan vanaf een leeftijd van 6 maanden. De draagtijd is 31 tot 33 dagen. Het aantal jongen dat ze krijgt varieert van 3 tot 12. De jonge konijntjes kunnen met een leeftijd van 8 weken bij de moeder weg. Op een leeftijd van 10 tot 12 weken kunt u de konijnen laten seksen. De rammen kunnen dan van de voedster gescheiden worden om nieuwe nestjes te voorkomen. Konijnen houden van gezelschap  2 rammetjes geven vaak problemen dan kan castratie een oplossing zijn. Het beste zou u 2 vrouwtjes of 2 zusjes kunnen nemen.

                                                                   
                                            Voedster                                                                                                    Ram

      Het gebit

      Konijnen hebben 6 snijtanden waarvan 4 in de bovenkaak ( 2 grote en daarachter 2 kleine stifttandjes en 2 in de onderkaak. Deze snijtanden groeien het hele leven door en slijten af  door het knagen. In sommige gevallen groeien de tanden door en ontstaan er haakjes op de kiezen. Die willen soms in de tong groeien of in de wang dan stoppen de konijnen met eten. Deze moeten dan behandeld worden door de dierenarts.

      Als u een konijn aanschaft kunt u met duim en wijsvinger rustig de onder-  en bovenlip van het konijn op tillen zodat u kunt controleren of de snijtanden recht boven op elkaar staan.

      Voeding

      Hooi is erg belangrijk voor de darmen van het konijn. Zorg er voor dat hij dit dag en nacht kan eten. Hooi mag niet oud en muf zijn, het moet geurig en stofvrij zijn.

      Het beste kun je konijnenkorrel geven. Ze hebben niet meer nodig dan 25 gram voer per kilogram lichaamsgewicht. Er is ook nog gemengd  konijnenvoer de kans bestaat dan groot dat ze alleen de lekkere dingen er uit eten.

      Konijnen lusten ook graag groente, hier een aantal voorbeelden:
      - Broccoli
      - Basilicum
      - Boerenkool
      - Waterkers
      - Paksoi
      - Wortel + loof
      - Andijvie
      - Witlof
      - Peterselie (weinig)
      - Paardenbloemen
      - Selderij
      - Zuring
      - Mosterdblaadjes
      - Weegbree
      - Spinazie

      Geef je konijn 50 – 100 gram groenvoer per kilogram lichaamsgewicht per dag.

      Deze groenten mag je niet geven:
      -  Bieslook, prei, ui, knoflook,
      - Alle soorten bonen en erwten,
      - Rabarber ( heel giftig en dodelijk )
      - Kool, bijv. rode kool (gasvorming ),
      - Aardappelen en aardappelschillen.

      Gras is ook erg gezond voor het konijn, je konijn moet er goed op kauwen, waardoor de kiezen zullen slijten. Gras bevat veel vocht. Geef nooit gras wat afgemaaid  is met een grasmaaier, hier kan een konijn erg ziek van worden. Pluk of snijd het met de hand.

      Ook fruit kun je het konijn geven bijv:
      - Appel
      - Peer
      - Kiwi
      - Perzik
      - Kers
      - Zwarte bes
      - Bosbes
      - Aardbei
      - Framboos
      - Ananas
      - Mango
      - Meloen
      - Kruisbes
      - Banaan

      Fruit moet net zoals groente, en gras  langzaam opgebouwd worden, om diarree te voorkomen. Er is ook veel snoepgoed te verkrijgen  in de dierenwinkel zoals konijnensnoepjes, broodjes, knabbelsticks, likstenen etc.  Dit heeft het konijn niet nodig je konijn kan er zelfs ziek van worden als ze er teveel van krijgen. Knaag- of likstenen zijn niet geschikt voor konijnen, want die kunnen daar blaasstenen van krijgen.

      Kortom een gezond dieet bestaat uit weinig droogvoer, onbeperkt hooi dag en nacht, voldoende groenvoer en af en toe fruit. Het liefst geen snoep of heel erg weinig.

      Een konijn drinkt 10% van zijn lichaamsgewicht per dag. Dit houdt in dat een konijn van een kilo ongeveer 100 ml water per dag drinkt. Het beste kun je water in een drinkfles doen. Het kan  ook in een stenen bak maar dit wordt vaak omgegooid of er kom vuil in. Het konijn hoeft  maar 1 keer per dag gevoerd te worden. Dit zou je ‘s avonds kunnen doen want een konijn is een schemer/nachtdier.

      Wat bedoelt het konijn?

      Grommen, krabben of naar voren schieten = Ga weg, ik ben bang voor je
      Stampen met de achterpoot  = Gevaar
      Zachtjes knarsetanden = Ik voel me prettig
      Zoemen/knorren, rondjes draaien om voeten = Ik ben erg verliefd op je
      Springen en rennen met snelle bochten = Ik voel me super
      Met dingen gooien = Ik ben boos of ik speel
      Achter voeten aanrennen = Ik wil spelen
      Knabbelen aan dingen wat niet mag = Ik wil speelgoed of ik ben nieuwschierig
      Neusje tegen je aanduwen/hand likken = Ik vind je lief en wil aandacht
      Languit liggen = Ik voel me op mijn gemak
      Rechtop staan = Ik wil de omgeving goed bekijken
      Hard knarsetanden en wegkruipen = Ik voel me ziek of heb pijn
      Stil in een hoekje zitten = Ik ben ziek of ben bang
      Schreeuwen of gillen = Ik ben werkelijk vreselijk bang

      Het gedrag

      Boosheid is eigenlijk bangheid. En bange konijnen kunnen uitvallen naar je handen en bijten. Soms is er maar weinig voor nodig  om een konijn zien te veranderen in een grommend, uitvallend monstertje. Als je het konijn steeds uit het hok of de kooi pakt, kan hij bang worden voor je handen. Laat je konijn daarom uit zichzelf uit het of  kooi lopen. Zit je konijn binnen in een hok, zet dan het deurtje open. Woont je konijn buiten, zorg dan dat hij in een ren kan lopen. Als het konijn terug in de kooi moet lok hem dan met eten. Hiervoor moet je in het begin geduld hebben, totdat het konijn weet dat hij iets lekkers krijgt als hij zijn hok ingaat. Zo hoeft het konijn nooit gepakt en opgetild te worden en op deze manier is er voor het konijn geen reden om bang voor je te zijn en zich dus boos gedragen.

      Boosheid kan ook plotseling zonder reden ontstaan. Dit heeft bijna altijd met de leeftijd te maken, want als konijnen 5 – 8 maand oud zijn, begint de puberteit en zullen ze alles wat van hen is gaan verdedigen. Door het konijn te laten castreren/ steriliseren zal dit gedrag verdwijnen.

      Nog een reden voor plotselinge boosheid van een vrouwtje kan schijnzwangerschap zijn. Ze wil dan haar denkbeeldige nest en jongen verdedigen. Er zal in de kooi iets van een nest te vinden zijn: opgestapeld stro met plukken vacht er in. Laat je het vrouwtje met rust, na een paar dagen tot twee weken zal ze zich weer normaal gedragen.

      Konijnen leren snel, maar dingen afleren die ze niet mogen is niet zo makkelijk. De beste manier om het konijn iets af te leren is door hem af te leiden en zo de slechte gewoonte te laten vergeten. Het duurt ongeveer drie weken tot een konijn verkeerd gedrag vergeten is.

      Voorbeeld: een konijn dat op de bank springt en daar gaat plassen, moet het onmogelijk gemaakt worden om op de bank te springen. Dit lukt door van allen en nog wat voor de bank te zetten of door met de plantenspuit een straaltje tegen het konijn te spuiten wanneer het naar de bank toe loopt. De eerste manier is de beste, want als het konijn niet meer bij de bank kan komen, zal het op een gegeven moment de bank vergeten zijn.

      Scheurt het konijn aan het behang, geef hem dan een grote doos of een oud telefoonboek zodat hij hiermee kan scheuren.

      Slaan of andere straffen zullen je konijn bang maken.

      ^

  • Baarmoederkanker
    • Baarmoederkanker is de meest voorkomende vorm van kanker. Of een voedster wel of niet geworpen heeft speelt geen rol. Leeftijd is de bepalende factor voor het krijgen van deze vorm van kanker en 50 tot 80 % van de voedsters ouder dan 4 jaar kan er uiteindelijk aam lijden. Rasverschillen lijken ook van belang, maar veel is hier nog niet over bekend. Bij toename van de leeftijd treden er langzaam voortschrijdende veranderingen op in het slijmvlies van de baarmoeder, o.a. een afname van de hoeveelheid cellen en een toename van bindweefsel.

      Het gezwel dat ontstaat heet adenocarcinoma en groeit erg langzaam. Vrij vroeg in zijn ontwikkeling kan de kanker zich uitbreiden in de baarmoederwand en de directe omgeving van de baarmoeder. Uitzaaiingen naar andere plaatsen in het lichaam, zoals de lever en de longen kunnen 1 tot 2 jaar op zich laten wachten.

      De eerste verschijnselen zijn vaak: bloed bij de urine op het eind van de plas en bloederige vaginale uitvloeiing. Bij uitbreiding van de ziekte worden de voedsters suf, hebben een verminderde eetlust vertonen een sterke vermagering en zijn benauwd. Meestal wordt de diagnose gesteld doordat er een onregelmatig vergrote baarmoeder in de buik is te voelen. Verder onderzoek bij deze bevindingen kan dan bestaan uit het maken van röntgenfoto’s van buik- en borstholte of een echo-onderzoek van.

      In een vroeg stadium van de ziekte zal chirurgisch verwijderen van de aangetaste baarmoeder veelal genezend zijn. Chemotherapie voor deze vorm van kanker bestaat niet. Voorkomen is echter beter dan genezen. Het is aan te raden om de baarmoeder en de eierstokken van een voedster waar niet, of niet meer, mee wordt gefokt, chirurgisch te laten verwijderen voor de leeftijd van 2 jaar. Het uitvoeren van deze ingreep op een leeftijd van ½ tot 1 jaar maakt dit minder ingrijpend voor het konijn in verband met de aanwezigheid ven een veel kleinere hoeveelheid vet in de buikholte.

      De operatie dient vanzelfsprekend te worden uitgevoerd onder een volledige narcose. Bij voorkeur dient dit een inhalatienarcose te zijn, dat wil zeggen dat het konijn een kapje krijgt met zuurstof en gasvormige narcosemiddelen in de vorm van Isoflurane. Het direct onder narcose brengen met een kapje leidt vaak tot een panieksituatie bij het konijn en daarom is het aan te bevelen een inleidende narcose te geven met domitor en ketamine per injectie.

      ^

  • Ziekten
    • Verstopping

      Als een konijn  te weinig hooi en groenvoer eet, krijgt het te weinig vezels naar binnen. De vezels zorgen voor een optimale beweging van de darmen. Deze beweging zorgt er voor dat het voedsel wordt doorgevoerd naar de darmen. Konijnen hebben altijd wat haar in de maaginhoud, dit komt doordat een konijn zichzelf voordurend wast en zo haar inslikt. Bij een goede darmwerking komt het haar tegelijk met de keutels weer naar buiten. Als de beweging van de darmen traag is, blijft het voedsel te lang in de maag en als deze massa uitdroogt, blijven de grove delen over (waaronder haar). Doordat de maaginhoud langzaam een massieve, stevige vastklevende massa wordt heeft het konijn een vol gevoel en gaat minder eten. Hierdoor bewegen de darmen zich nog trager. Het lichaam gaat uit de maag onttrekken waardoor het voedsel uitdroogt en het de maag niet meer uit kan. Nu is er een verstopping ontstaan.

      Behandeling

      Als u denkt dat u konijn last heeft van een verstopping neem dan contact op met uw dierenarts. Voor de behandeling tegen een verstopping is het beter om het konijn door de dierenarts te behandelen. In de kliniek kunnen ze het konijn goed in de gaten houden en indien nodig ingrijpen.

      Vocht is goed om een verstopping te verhelpen. Geef u uw konijn daarom verse groenten en maak ze eventueel vochtig. De dierenarts zal het konijn gaan behandelen met een laxeermiddel om zo de darmen weer op gang te helpen. Als het konijn door de verstopping ook niet meer eet zal deze gedwangvoerd moeten worden. Dit kan met een vloeibare voeding die met een spuitje (zonder naald) beetje voor beetje in de bek word gespoten.

      Voorkomen is beter dan genezen

      Het darmstelsel van een konijn werkt alleen maar goed, als de voeding uit veel onverteerbare vezels bestaat. Dit kunt u het beste aanbieden in vorm van hooi of vers gras. Alleen droogvoer is niet voldoende al staat er meestal wel op de verpakking dat het “volledig konijnenvoer”is.

      Een konijn mag nooit vasten. Dus zorg dat er altijd hooi beschikbaar is voor het konijn.

      Geef een jong niet te veel groente. Laat de darmen eerst wennen aan het droogvoer en hooi. Na een paar weken kunt u rustig aan uw konijn groente aanbieden. Doet u dit te snel dan zal het konijn aan de diaree raken.

      Lichaamsbeweging stimuleert de darmwerking. Laat daarom u konijn regelmatig loslopen. Dit is leuk en goed voor het konijn.

      Ziekten van de luchtwegen

      Snot

      Mogelijke oorzaken:
      - te hoge omgevingstemperatuur of vochtigheidsgraad
      - extreme stress (omgevingsverandering of ziekte) en weerstandsvermindering
      - luchtvervuiling (parfum, haarspray, verf, kookluchtjes, stof, eigen urinegeur)
      - infecties/abcessen in de bovenste luchtwegen.

      Symptomen:
      - heldere en pussige uitscheiding uit de neus
      - niezen
      - vlekkerige of plakkende haren aan de binnenkant van de voorpoten(van het ‘afvegen’ van de     neus)

      Behandeling:
      - verwijder alles wat irritaties bij het inademen kan veroorzaken
      - behandelen van gebitsproblemen ( door een dierenarts)
      - verwijder vreemde voorwerpen
      - medicinale behandeling van infecties of chronische ontstekingen (door een dierenarts)

      Extreme ooguitvloeiingen met dikker vocht

      Mogelijke oorzaken:
      - de bovenste kiezen kunnen gedeeltelijk de traanbuis blokkeren
      - luchtvervuiling (parfum, haarspray, verf, kookluchtjes, stof)
      - ziekten van het hoornvlies (de tranen komen door de pijn)
      - gedraaid ooglid, wat tot oogirritaties leidt
      - winpers die naar binnen groeien
      - ontsteking of abces aan het derde ooglid ( of er zit iets van er niet hoort)
      - ontsteking van weefsel rond het oog
      - ontsteking van traanbuis of traanklier

       Symptomen:
      - vlekkerig en natte vacht bij de ooghoeken
      - mogelijk is; loensen, rode huid rond de ogen, dikke slijmige afscheiding

      Behandeling:
      - schoonmaken van de huid rond het oog
      - ontstekingen en gebitsproblemen laten behandelen door een dierenarts
      - plaatselijke medicatie in het oog/of brede medicatie op recept van een dierenarts
      Ziekte van de urinewegen

      Blaasstenen en blaasdrab:

      Oorzaken hiervan kunnen zijn te weinig vochtopnamen, te calciumrijk voer in combinatie met te weinig vochtopname, knaag of liksteen

      De symptomen kunnen zijn:
      - zich uitstrekken bij het plassen
      - vaak kleine beetjes plassen
      - bloed in de urine
      - sterke urine geur (niet geholpen konijnen hebben gewoonlijk al een sterke urinegeur)
      - dikke tandpasta-achtige urine of kleine steentjes die uitgeplast worden
      - bij een totale blokkade wordt snel ernstige depressie gezien ( in elkaar gekrompen, wil niet bewegen, pijn, ernstige uitdroging en geen urine productie

      Behandeling:

      Bij een totale blokkade van de urinebuis of bij aanwezigheid van stenen is operatief ingrijpen noodzakelijk. Blaasdrab dat geen blokkade veroorzaakt kan met medicijnen behandeld worden.

      Twee gevreesde konijnenziekten

      Myxomatose

      Deze ziekte wordt in Europa vooral door muggen van de wilde konijnen op tamme konijnen overgebracht. Maar ook vliegen, luizen, mijten enz. kunnen de ziekte verspreiden. Konijnen kunnen ook last krijgen van de honden- en katten vlo. Deze vlooien kunnen ook myxomatose overbrengen op een konijn.

       Wat is myxomatose?:

      Dit is een soort pokkenvirus en heeft zijn oorsprong in Zuid-Amerika en heeft een dodelijke afloop.

       Wat zijn de symptomen?:
      - dikke vochtige zwellingen op hoofd en snuit
      - gezwollen oogleden, daarna zwellen de lippen ook op
      - rond de anus en geslachtsorgaan komen dikke zwellingen
      - binnen een paar dagen kunnen de zwellingen zo erg zijn geworden dat er misvorming ontstaat bij de snuit, mond, oren en neus
      - na verloop van tijd kleven de oogleden aan elkaar en ontstaat er een vaak pussige oog- en neusuitvloeiing

      Behandeling:

      Tegen myxomatose moet preventief worden ingeënt. De kans op genezing door een uitstekende verzorging, warmte en antibiotica is bijna nihil.

      VHS (Viraal Hemorrhagisch Symdroom)

      Dit virus werd in 1984 voor het eerst gesignaleerd in een zending angorakonijnen, die van Duitsland naar China gingen. Binnen een paar jaar verspreidde het virus zich in Azië en europa en doodde 95% van het konijnenbestand. Dit virus heeft geen vector nodig en kan zich op alle mogelijke manier verspreiden ( bijvoorbeeld via gras).

      Wat zijn de symptomen?:
      - diarree, meest vloeibaar en stinkend
      - aantasting van de inwendige organen
      - lusteloosheid en anorexie
      - zeer snel sterven en dan vaak bloed uit de neus, of helemaal geen symptomen

      Behandeling:

      VHS is niet te behandelen. Preventief enten kan de ziekte voorkomen bij konijnen die binnen dan wel buiten wonen.

       Wij houden twee maal per jaar speciale konijnenspreekuren. Op de spreekuren worden de konijnen ingeënt. Tegen VHS wordt een keer per jaar geënt en tegen myxomatose twee maal per jaar.

      Baarmoederkanker

      Baarmoederkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij het konijn. Of een voedster wel of niet heeft geworpen speelt geen rol. Leeftijd is de bepalende factor voor het krijgen van deze vorm van kanker en 50 tot 80% van de voedsters ouder dan 4 jaar kan er uiteindelijk aan lijden. Rasverschillen lijken ook van belang, maar veel is hier nog niet over bekend. Bij toename van de leeftijd treden er langzaam voortschrijdende veranderingen op in het slijmvlies van de baarmoeder, o.a. een afname van de hoeveelheid cellen en een toename van bindweefsel.

      Het gezwel dat ontstaat heet adenocarcinoma en groeit erg langzaam. Vrij vroeg in zijn ontwikkeling kan de kanker zich uitbreiden in de baarmoederwand en de directe omgeving van de baarmoeder. Uitzaaiingen naar andere plaatsen in het lichaam, zoals naar de lever en de longen kunnen 1 tot 2 jaar op zich laten wachten.

      De eerste verschijnselen zijn vaak: bloed bij de urine op het eind van de plas en bloederige vaginale uitvloeiing. Bij uitbreiding van de ziekte worden de voedsters suf, hebben een verminderde eetlust, vertonen een sterke vermagering en zijn benauwd. Meestal wordt de diagnose gesteld doordat er een onregelmatig vergrote baarmoeder in de buik is te voelen. Verder onderzoek bij deze bevindingen kan dan bestaan uit het maken van röntgenfoto's van buik- en borstholte of een echo-onderzoek van de buik.

      In een vroeg stadium van de ziekte zal het chirurgisch verwijderen van de aangetaste baarmoeder veelal genezend zijn. Chemotherapie voor deze vorm van kanker bestaat niet. Voorkomen is echter beter dan genezen. Het is aan te raden om de baarmoeder en de eierstokken van een voedster waar niet, of niet meer, mee wordt gefokt, chirurgisch te laten verwijderen vóór de leeftijd van 2 jaar. Het uitvoeren van deze ingreep op een leeftijd van ½ tot 1 jaar maakt dit minder ingrijpend voor het konijn, in verband met de aanwezigheid van een veel kleinere hoeveelheid vet in de buikholte.

      Konijnensyfilis

      Deze ziekte wordt overgebracht door een parasiet genaamd spirochaete. Zowel voedsters als rammen kunnen deze ziekte doorgeven door middel van geslachtsgemeenschap, geïnfecteerd stro. Voedsters kunnen door contact de ziekte aan de jongen doorgeven.

      Symptomen:
      - gezwollenheid en roodheid rondom de geslachtsopening
      - verzweringen rond het geslachtsorgaan, anus en voorpoten
      - korsten aan oogleden, lippen en snuit

      Behandeling:
      - quarantaine
      - frequent ontsmetten van alles wat met konijn in aanraking komt (ook kleding)
      - antibiotica, voorgeschreven door een dierenarts

      Coccidiose

      Dit is een stressgerelateerde ziekte en wordt veroorzaakt door coccidia, microscopisch kleine, eencellige diertjes (protozoa genoemd). Als de weerstand verminderd is door bijvoorbeeld: weersveranderingen, een vieze kooi etc. kunnen de coccidia zich massaal gaan vermeerderen en het konijn ziek maken. De diagnose kan worden gesteld door middel van ontlasting onderzoek.

      De symptomen zijn:
      - natte of zachte keutels
      - lusteloosheid en verlies van eetlust
      - diarree en uitdrogingsverschijnselen
      - sterke vermagering tussen de 7e en 10e dag. Is er nog geen behandeling ingezet dan zal de ziekte fataal aflopen

      Behandeling:

      Er zijn specifieke medicijnen die tegen Coccidiose helpen. Deze zullen nadat de diagnose is vastgesteld door een dierenarts worden voorgeschreven.

      ^

  • Clickertraining
    • Wil je meer bezig zijn met je konijn? Wil je je konijn kunstjes leren, begin dan met clickertraining.

      Voor je begint…

      Het belangrijkste om te weten voor je met clickertraining begint is dat je het gebruik van de clicker begrijpt. De clicker wordt geassocieerd met een beloning. Klik is goed en geen klik is geen beloning. Leren met de clicker om te gaan kan alleen door het te doen.

      Kijk voordat je begint met de clickertraining is goed naar je konijn. Wat doet hij? Is hij bang of nieuwsgierig? Je zal zien als je konijn de clicker herkent dat hij dingen uit zal proberen om een klik te krijgen.

      De dieren zijn vaak moe, maar voldaan na het trainen.

      Regels

      Houdt deze regels goed in uw hoofd als u met de clickertraining begint:
      - Click op het juiste moment
      - Geef de beloning binnen 1 seconden na de klik
      - Stop de training bij aandacht verlies
      - Straf nooit tijdens de clickertraining
      - Heb geduld
      - Begin pas met echte oefeningen als de clicker duidelijk is!
      - De beloning moet binnen zeer korte tijd op zijn, dus geef geen halve wortels

      Hoe gaat de clickertraining is zijn werk?

      Zorg dat je een clicker en kleine hapjes in de buurt hebt. Begin met de training in een voor het konijn een vertrouwde omgeving. Je doet nog niks. Je zit bij het konijn in de buurt, je klikt en geeft hem wat lekkers… etc.

      Als je het gedrag van het konijn  gaat observeren zul je zien dat hij op de clicker gaat wachten. Pas als het duidelijk is voor het konijn dat de clicker een beloning is kun je gaan trainen.

      Oefening: naar je toe komen of op je schoot zitten.

      Bepaal wat je wil dat het konijn doet. Wil je dat het konijn naar je toe komt, ga dan in kleermakerzit op de grond zitten. Als het konijn dan naar je kijkt of ook maar een stap naar je toe doet klik je. Ga zo stapje voor stapje verder. Als het konijn aan je begint te snuffelen klik je. Als het konijn uiteindelijk op je schoot zit beloon je hem met iets waar hij wat langer wat aan heeft. Bijvoorbeeld een knaagstok o.i.d.

      Oefening: in een reismand

      Dit is altijd handig als het konijn naar een dierenarts moet of ergens anders naar vervoerd moet worden. Zet de mand in de kamer. Loopt het konijn richting de mand of kijkt hij naar de mand klik dan en geef hem wat lekkers. Elke keer als hij een stapje dichter bij de mand komt klik je en geef hem wat lekkers.

      De clicker is een vrij hard geluid dus hou deze de eerste paar keer dat je klikt niet te dicht bij het konijn.

      Veel plezier en succes ermee!

      ^

  • Het grootbrengen van tamme konijnen
    • De draagtijd van een vrouwtje is 31 a 33 dagen. Vlak voor de bevalling wordt de voedster vaak knorrig en op het laatste moment plukt zij de haren rond de tepels weg. Zo kunnen de jongen beter drinken en wordt het nest warm gehouden met het haar. De jongen worden doof, blind en kaal geboren en wegen bij de geboorte ( afhankelijk van het ras) ongeveer 50 gram. De jongen blijven ongeveer 2 weken in het nestje. Controleer het nest vlak voor de geboorte op doodgeborenen en  het is verstandig om de eerste dagen het nest met rust te laten.

      Het moederkonijn zit zover mogelijk van haar jongen vandaan. In de natuur heeft dit gedrag grote voordelen om de vijand te mislijden.  Het zal daarom lijken dat ze haar jongen negeert.

      De jongen zogen 4 a 6 weken, meestal 2 maal per dag: s ‘morgens vroeg en s ‘avonds laat en het duurt maar enkele minuten. De kans dat je de jongen ziet drinken is dus zeer klein. De jongen gaan tijdens het zogen op de rug liggen drinken waardoor de moeder tijdens het zogen de buikjes kan gaan likken om het plassen en poepen op gang te helpen. Na het zogen gaan de jongen meestal slapen. Zorg tijdens het zogen dat er voldoende vers water en krachtvoer aanwezig is en dat het hok schoon is en op een rustige plek staat.

      Wanneer moet er ingegrepen worden?
      - als het moederkonijn dood gaat
      - als het moederkonijn niet voldoende of geen melk heeft

      Hoe zie je dat je moet ingrijpen?
      - als de jongen zeer onrustig zijn
      - als je de eerste paar dagen een jong buiten het nest aantreft. Dit gedrag vertonen de jongen omdat ze honger hebben
      - als de jongen rimpelig worden; dit betekent dat ze uitdrogen en afvallen

      Handmatig grootbrengen

      Als de moeder niet agressief gedrag tegen de jongen vertoont is het verstandig om de jongen tijdens de flesperiode bij de moeder te laten. Om een jong handmatig groot te brengen is het noodzakelijk om te weten hoe oud het jong is. Het schema dat zo volgt is een indicatie om de leeftijd van een jong te bepalen en is gebaseerd op een middenslag konijn (2.5 kg).

      Leeftijd konijn Gewicht in gram Uiterlijke kenmerken
      1 dag 50 Navel zichtbaar, ogen dicht, oren plat
      3 dagen 50 Vacht begint te groeien
      1 week 100
      10 dagen 100 Ogen gaan open
      2 weken 150 Oren komen overeind
      3 weken 200
      4 weken 250
      5 weken 300
      6 weken 350

      Huisvesting

      Als de verzorging van de jongen overgaat in mensenhanden, zijn ze vaak gestrest en onderkoeld. Zorg daarom voor een rustige plek, het liefst in een afgezonderde kamer. Gebruik de eerste dagen een plastic bak als huisvesting, deze houdt de warmte beter vast dan een tralie kooi. Gebruik al bodembedekking witte handdoeken. Hierop kun je goed zien of de jongen hebben geplast en hoe de ontlasting eruit ziet. Als een jong konijn zijn ogen al open heeft, leg dan een handje hooi in de hoek van de bak. Hieraan kan het jong gaan knagen.

      Als de jonge dieren twee weken oud zijn kunnen ze in een traliekooi. Gebruik als bodembedekking oude kranten, zaagsel en veel hooi.

      De jonge konijnen kunnen zichzelf nog niet voldoende warm houden, daarom moeten wij zorgen voor voldoende warmte. Hiervoor kun je gebruiken: warmtelamp, elektrisch dekentje of kruik/warmtezak. De normale lichaamstemperatuur van een konijn is 38.3-39.6 graden Celsius.

      Voeding, de eerste 24 uur

      De eerste 24 uur in de opvang zijn van levensbelang. Geef de eerste 24 uur geen melkvoeding maar geef elke drie uur 1 a 2 ml elektrolyten (’s nachts hoeft dit niet). Elektrolyten is een kant en klare zout/suikeroplossing en bestaat uit een zakje poeder dat gemengd moet worden met afgekoeld gekookt water. Meestal willen de jonge dieren in het begin niet drinken en is het moeilijk om het spuitje/speentje in het bekje te krijgen. Probeer voorzichtig aan de zijkant van het bekje het speentje/spuitje naar binnen te krijgen, want het bekje is teer en raakt snel beschadigd. Begin na 24 uur langzaam de melkvoeding op te bouwen. Zeer jonge konijnen moeten geholpen worden bij het plassen. Neem een zachte tissue en wrijf snel over het geslachtsdeel om zo de urinestroom op gang te brengen. Blijf dit net zo lang doen tot er geen urine meer uitkomt. Poepen kunnen ze direct zelf. Houdt wel goed in de gaten of het ronde droge keuteltjes blijven.

      Wegen

      Om in de gaten te houden of de dieren goed groeien is het belangrijk de dieren elke dag op hetzelfde tijdstip te wegen. Gebruik hiervoor altijd een digitale weegschaal die op 2 gram nauwkeurig weegt. De eerste 24 uur en de dagen erna zullen de dieren in gewicht afnemen. Na ongeveer een week wordt het gewicht stabiel en zal daarna toenemen. Zolang de dieren de eerste dagen slecht drinken is het aan te raden meerdere keren per dag melk aan te bieden, dus in plaats van 3 keer bijvoorbeeld 4 a 5 keer.

      Voedingsinformatie

      Konijnen zogen hun jongen in de natuur 1 tot 2 maal per dag. Het zogen duurt enkele minuten. De moedermelk is dan ook zeer rijk aan vetten en eiwitten zodat de jongen snel kunnen groeien. Als u jonge konijnen met de hand grootbrengt neem dan contact op met u dierenarts over de voeding. U kunt niet zomaar gewone melk te drinken geven.

      Voedingsschema

      Op dag 1 moet we 5 a 6 keer 1 a 2 ml elektrolytenoplossing gegeven worden.

      Gewicht in gram Hoeveelheid in ml Frequentie (. x daags)
      50 2.5 3
      60 3.5 3
      70 3.5 3
      80 4.5 3
      90 5.5 3
      100 7.5 2
      150 10 2
      200 12 2
      300 15 2
      350 16 2

      Wanneer het konijn op een gewicht van 400 gram is, moet u stoppen met indienen.
      Verwarm de benodigde hoeveelheid voor 1 voeding tot ongeveer 38 graden Celsius. Gebruik bij voorkeur een flessenwarmer oof de au-bain-mariemethode. Verwarm de voeding nooit in de magnetron.

      Jonge konijnen krijgen vanaf het moment dat de ogen open zijn altijd hooi. Als ze twee weken oud zijn moet u ook konijnenvoer, een stukje bruin brood en heel matig groenvoer bijvoeren.

      Voedingsmethode

      Gebruik altijd om te beginnen een 1 ml spuitje, omdat deze langzaam druppelt. Grotere spuitjes laten de vloeistof sneller door waardoor het risico bestaat dat de vloeistof in de luchtpijp of longen gespoten wordt. Als dit gebeurt gaan de dieren zeer snel rochelen en krijgen ze meestal longontsteking. Onderneem dan onmiddellijk actie en ga direct naar de dierenarts. Gebruik nooit flesjes, ook al zijn ze speciaal ontwikkelt voor jonge dieren. Voor deze kleine dierensoorten zijn de absoluut ongeschikt. De juiste hoeveelheid melk is niet af te lezen en de dieren krijgen veel te veel voeding in een keer binnen. Dit kan tot bovenstaande problemen leiden. Als er melk uit de neus komt gaat de vloeistof te snel: laat de vloeistof dan langzamer in het bekje stromen. Als de dieren eenmaal goed drinken stap dan over op een 3 ml spuitje. Het is prettig als er een speentje gebruikt kan worden. Speentjes en spuitjes zijn verkrijgbaar bij de dierenarts of apotheek,

      Hoe pak je de dieren vast?

      Zeer jonge dieren kunnen nog niet zelfstandig staan. Neem de jonge dieren goed in de hand en let erop dat het achterlijfje er niet bij bungelt. Leg de jonge dieren niet echt op hun rug, maar houd ze een beetje schuin (ongeveer 45 graden). Zodra ze goed zelf op hun pootjes kunnen zitten en ze het drinken goed door hebben, kunnen ze gewoon staan.

      ^

  • Welke planten mogen konijnen hebben?
    • Onschadelijke planten

      Naam plant Latijnse naam Hoeveelheid/deel van de plant/werking
      Paardebloem Taraxacum spec. Onbeperkt
      Duizensblad Achillea millefolium Onbeperkt
      Herderstasje Capsella bursa-pastoris Jonge rozetten
      Dovenetels Almium spec. Beperkt, als versnapering
      Weegbree Plantago spec. Onbeperkt, reguleert de darmfunctie
      Distels Cirsium spec. Gedroogd, als hooi
      Zevenblad Aegopodium padograria Onbeperkt, urinedrijvend
      Karwij Carum carvi Beperkt, deflatuerend
      Boerenwormkruid Tanacetum vulgare Onbeperkt, voorkomt wormen en indigestie
      Zuring Rumex spec. Zeer beperkt, altijd mengen
      Wilgenroosje Chamaenerion angustifolium Beperkt
      Kleefkruid Galium aparine Vers!
      Melde en ganzenvoet Chenopodium spec. Beperkt, altijd mengen
      Brandnetel Utica spec. Jonge scheuten of gedroogd als hooi
      Melkdistels Sonchus spec.
      Klein hoefblad Tussilago farfara Beperkt, voorkomt trommelzucht
      Zilverschoon Potentilla anserina
      Kruiskruid Senecio spec.
      Gele ganzenbloem Chrydanthemum segetum
      Kamille Matricaria spec. Gedroogd, werkt anti-septisch
      Herik Sinapis arvensis
      Reigersbek Erodium spec. Altijd mengen
      Kromhals Anchusa arvensis
      Cichorij Cichorium intybus
      Duizendknoop Polygnum spec. Altijd mengen
      Spurrie Spergula aervensis
      Hennepnetel Galeopsis tetrahit
      Wilde peen Daucus carotus
      Bijvoet Artemisa spec.
      Klis Arctium spec. In geringe hoeveelheid

      Schadelijke en giftige planten

      Familie Plant Latijnse naam
      Aronskelkfamilie Diefenbachia spec.
      Gatenplant Monstera delicoisa
      Philodendron spec.
      Aronskelk Arum spec.
      Slangenwortel Calla palustris
      Vredeslelie Zanthedeschia spec.
      Kalmoes Acorus spec.
      Olifantsoor Caladium spec.
      Leliefamilie Lelies Lilium spec.
      Hyacinten Scilla spec.
      Tulpen Tulipa spec.
      Herfststijlloos Colchium spec.
      Aloë Aloë spec.
      Salomonzegels Polygonatum spec.
      Look-en uiachtigen Allium spec.
      Sier)asperge Asparagus spec.
      Lelie der dalen Convallaria spec.
      Vogelmelk Ornithogalum spec.
      Kievitsbloem Fritillaria spec.
      Keizerskroon
      Narcisfamilie Amaryllis Hippeastrum
      Clivia spec.
      Narcis Narcissus spec.
      Sneeuwvlokje Galanthus spec.
      Maagdenpalmfamilie Oleander Nerium spec.
      Maagdenpalm Vinca spec.
      Woestijnroos Adenium spec.
      Boterbloemfamilie Boterbloem Ranunculus spec.
      Ranonkels
      Wildemanskruid Pulsatilla spec.
      Kerstroos Helleborus spec.
      Anemonen Anemone spec.
      Monnikskap Aconitum spec.
      Akelei Aquilegia spec.
      Ridderspoor Delphinium spec.
      Nachtsschadefamilie Aardappel Solanum spec.
      Bitterzoet
      Oranjeboompje
      Nachtschade
      Tomaat Lycopersicon spec.
      Engelenbazuin Brugmansia spec.
      Doornappel Datura spec.
      Wolfskers Atropa bella-donna
      Bilzenkruid Hyoscyamus Niger
      Tabak Nicotiana spec.
      Lampionplantje Physalis spec.
      Wolfsmelkfamilie Kerstster Euphorbia spec.
      Kroontjeskruid
      Christusdoorn
      Wolfsmelk
      Wonderboom Ricinus spec.
      Croton Codiaum spec.
      Vingerhoedskruidfamilie Vingerhoedskruid Digitalis spec,
      Toorts Verbascum spec.
      Kamperfoeliefamilie Struikkamperfoelie Lonicere spec.
      Sneeuwbes
      Klimmende kamperfoelies
      Naaldboomfamilie Venijnboom Taxus spec.
      Sparren Picea spec.
      Dennen Pinus spec.
      Zilversparren Abies spec.
      Levensbomen Thuja spec.
      Jeneverbes Juniperus spec.
      Cipressen Cupressus spec.

      ^

  • Zaagsel, schadelijk of niet?
    • Zaagsel kan schadelijke stoffen bevatten die het ongeschikt maken om het als bodembedekking voor knaagdieren en konijnen te gebruiken. Zaagsel wordt in Europa grotendeeld gemaakt van naaldbomenhout dat vele giftige stoffen bevat, waaronder de kankerverwekkende aromatische koolwaterstoffen (fenolen) en abietinezuur.

      Zaagsel wordt al jaren gebruikt door eigenaren van knaagdieren en konijnen als bodembedekking. Het is goedkoop, het ruikt vaak lekker en heeft natuurlijke insectenwerende en desinfecterende eigenschappen. Een natuurlijk product betekent niet altijd en veilig product. De toxische stoffen in de houtkrullen zijn schadelijk voor de gezondheid van het knaagdier en konijn. En dat zou ook nog het geval kunnen zijn voor paarden.

      Een van de meest schadelijke stoffen in het zaagsel is abietinezuur, wat in bijna alle naaldbomen in wisselende hoeveelheid voorkomt.

      Diverse typen zaagsel (houtsnippers, houtkrullen) zijn in Wageningen onderzocht op de concentratie van abietinezuur en de resultaten waren opvallend ten ongunste van dit materiaal als strooisel voor deze dieren. Al het onderzochte zaagsel was afkomstig van naaldbomen, sparren en dennen en bevatte wisselende, maar substantiële concentraties van het abietinezuur. Deze schadelijke stof geeft kans op levenfunctiestoornissen en levenziekten, klachten aan de luchtwegen (pneumonie) en vergroot de kans op kanker voor konijnen en knaagdieren die op zaagsel leven. Voor paarden is nader onderzoek nodig naar de schadelijkheid van zaagsel door eten en door inademen van houtdeeltjes van dennen en sparren.

      Het intensieve contact van knaagdieren en konijnen met hun bodembedekking zou tot grote gevolgen voor hun gezondheid en welzijn kunnen leiden. Waarschijnlijk komen kleine zaagseldeeltjes als stof in de luchtwegen en beschadigen daar het epitheel en via deze weg komen de toxische stoffen ook in de bloedcirculatie. Verder zal opname kunnen plaatsvinden door het eten van zaagsel, waardoor abietinezuur rechtstreeks de lever belast door opname van wisselende hoeveelheden ervan door de darm

      Bij ratten geven de fenolen een reactie op die op een allergie lijkt.
      Ratten worden ziek en kunnen zelfs in korte tijd sterven.
      Eigenlijk is het geen allergie maar een vergiftiging.

      Zaagsel (houtkrullen, houtsnippers, houtmot) wordt nog steeds in grote hoeveelheden gebruikt door particulieren en de ‘gewone consument’ die konijnen en knaagdieren hebben als huisdier. Dit komt waarschijnlijk omdat het niet bekend is bij mensen dat in zaagsel schadelijke stoffen zitten en dat dit zeer schadelijk kan zijn voor hun konijn of knaagdier. Mensen die wel op de hoogte zijn van de schadelijkheid, kiezen er vaak toch voor om zaagsel als bodembedekking te houden, omdat het goedkoop is vergeleken bij alternatieven, het in grote mate te verkrijgen is en omdat het gewenning is.

      Bodembedekkers die wel goed zijn:
      - kattenbakkorrels (stofvrij)
      - papiersnippers (liefst onbedrukt)
      - katoenproducten
      - gemalen maïskernen
      - zaagsel van andere houtsoorten zoals populieren
      - geperste pellets van houtvezel (loofbomen)
      - papierstroken (liefst zonder inkt)

      Conclusie:

      Zaagsel van naaldbomen is absoluut niet geschikt als bodembedekking voor konijnen en knaagdieren. De gezondheidrisico’s zijn onaanvaardbaar hoog. De kans op ziekte bij dieren die op zaagsel leven is erg hoog.

      ^

  • Instructie dwangvoeren
    • Konijnen en cavia’s kunnen op verschillende redenen niet eten. Denk aan gebitsproblemen, pijn na operatie.

      Als gevolg van niet eten gaan de darmen stil liggen en wordt het dier steeds zieker. Als het dier niet zelf wil eten dan moet het dier worden gedwangvoerd.

      Wat kunt u gebruiken om te dwangvoeren?:
      - Vezelpoeder, gemengd met water
      - Olvarit baby voeding pure worteltjes of fruithapje (geen vlees of aardappelproducten)
      - Geweekte pellets/korrelvoer (weken in water)
      - Juvenile papegaaien opfokvoer (verkrijgbaar bij de dierenarts)
      - Nutrilon soya babyvoeding gemengd met water (geen melkvoeding geven)

      Met een spuitje kan de voeding in de bek gegeven worden. Let op dat het dier de voeding doorslikt. Geef kleine beetjes tegelijk, verdeeld over 6-8 keer per dag. Indien nodig kan water ook op deze manier gegeven worden, om uitdroging te voorkomen. Bied daarnaast groenvoer en wortel aan zodat het dier ook zelf kan gaan eten. Verstandig is om het aantal blaadjes op schijfjes te tellen zodat u weet of het dier zelf heeft gegeten.

      Het dier moet zoveel binnenkrijgen dat het niet afvalt. Elke dag wegen is daarom zeer sterk aan te raden. Een richtlijn voor de hoeveelheid dwangvoeding is: 20ml per kilo lichaamsgewicht.

      Het belangrijkste voedingsbestanddeel voor cavia’s en konijnen is hooi. Hooi bevat vezels die belangrijk zijn voor een goede darmwerking en bacterieflora. Daarom moet hooi altijd onbeperkt beschikbaar zijn. Indien het dier het hooi niet wil eten, probeer dan eens kruidenhooi, hooi stomen (geur wordt hierdoor sterker) of worteltjes/peterselie/boerenkool te raspen door het hooi. Als het dier zelf weer krachtvoer eet, geef dan uitsluitend de korrelvoeding, geen gemengd voer en niet meer dan 20 gram per kilo lichaamsgewicht per dag.

      ^

Adres:
Zunabrink 202
7544 DV Enschede
T: 053-4780520
E: info@dierenarts-enschede.nl

Onze praktijk ligt centraal in Enschede-Zuid
met volop parkeergelegenheid.
Routeplanner