• Geboortebeperking
    • Loopsheid

      Teven worden gemiddeld 2 maal per jaar loops. De eerste loopsheid bij een jonge hond kan tussen de 7 en 14 maanden verwacht worden. Kleinere rassen worden vaak eerder loops dan de grote rassen.

      Het meest opvallende verschijnsel van loopsheid is uitvloeiing. Deze duurt ongeveer 3 weken en is in het begin van helderrood van kleur. Rond de twaalfde dag na het begin van de uitvloeiing, is de teef bereid zich te laten dekken. De reu vertoont vaak al eerder interesse, maar wordt tot dit moment vaak afgesnauwd.

      De zwangerschapsduur (de tijd tussen paren en baren) 58-72 dagen.

      De drachttijd (de tijd tussen de ovulatie en het baren) ongeveer 63 dagen.

      De dekking kan plaatsvinden: maximaal 1 week voor de ovulatie tot 3 dagen erna.

      Dit geeft dus 10 dagen extra verschil tussen paren en baren.

      Het aantal jongen kan variëren van 1 tot wel 16!

      Over het algemeen is het zo dat grotere honden ook grotere nesten krijgen.

      Geboortebeperking

      Er zijn meerdere redenen om loopsheid of drachtigheid bij de teef te voorkomen. De uitvloeiing of de aantrekkelijkheid voor reuen kan zeer hinderlijk zijn. Ook de schijndracht is geen pretje, denk aan de gezwollen uier, het verzamelen van speeltjes als zijnde puppies, slechte eetlust etc.

      Ook moet de hond steeds in de gaten gehouden worden, om een ongewenste dekking te voorkomen. Maar de voornaamste redenen zijn het sterk verminderen van de kans op tumoren van de melkklieren en het niet kunnen ontstaan van baarmoederontsteking.

      Prikpil

      Er zijn twee manieren om loopsheid te voorkomen bij de teef. De eerste is door middel van de zogenaamde prikpil. De prik moet gegeven worden tussen 2 loopsheden in, dus 3 maanden na de loopsheid. De teef krijgt hierbij een hoge dosis hormonen ingespoten, waardoor ze 5 tot 6 maanden niet meer loops zal worden. Hierna moet deze injectie elke 5 maanden herhaald worden. Bijwerkingen van deze hoge dosis hormonen, zijn onder andere een vergrote kans op baarmoederontsteking en tumoren van de melkklieren.

      De prikpil is even slecht voor een teef als loops worden, twee maal per jaar loops worden betekent namelijk vaak twee maal per jaar schijnzwanger worden. In die tijd slinken en zwellen de uier van de hond, en dit geeft een verhoogde kans op uiertumoren.

      Sterilisatie

      De tweede en beste oplossing is een sterilisatie. Hierbij worden de eierstokken en soms ook de baarmoeder weggenomen. De hond wordt dan nooit meer loops omdat de hormoonbron, de eierstok is weggenomen. Ook is deze oplossing goedkoper dan levenslang de prikpil geven.

      Het steriliseren kan het veste al op jonge leeftijd gebeuren, u hoeft niet te wachten tot na de eerste loopsheid. Voor een klein ras is dit op een leeftijd van 6-7 maanden.

      Voor een middel groot ras een leeftijd van 8 maanden en voor een groot ras een leeftijd van 9 maanden.

      Het beste is in ieder geval voor de leeftijd van 4 jaar, want daarna maakt het wat betreft de kans op uiertumoren niet meer uit, wel wat betreft de loopsheid natuurlijk.

      Ook is het zo dat als de hond op latere leeftijd baarmoederontsteking krijgt de risico’s aan de operatie natuurlijk veel groter zijn, wat voor de dierenarts ook niet prettig is.

      De hond mag niet loops zijn en ook iet schijnzwanger als u een afspraak wilt maken. De baarmoeder moet namelijk in rusttoestand zijn, dus 3 a 4 maanden na de loopsheid.

      Dat het voor de hond het beste is om eerst een nestje te krijgen is helemaal niet waar.

      Nadelen:

      - U dient het voedingspatroon iets aanpassen na de sterilisatie om te voorkomen dat de teef te dik wordt. 10 a 20% minder eten geven is het beste.

      - Er bestaat een kans dat de hond incontinent kan worden, afhankelijk van grote rassen en honden met gecoupeerde staart lopen meer kans. De kan met medicijnen goed behandeld worden maar is wel blijvend.

      - Bij sommige rassen, m.n. De langharige varieteiten van tekkels en jachthonden wordt de vacht dikker, krulliger en moeilijker te onderhouden.

      - Sommige teven die op jonge leeftijd al fel waren worden nog feller, slomer worden hoort niet in het lijstje thuis.

      Alle voor en nadelen op een rijtje gezet, is sterilisatie het beste voor de gezondheid van uw hond. Bel ons gerust voor meer informatie.

      ^

  • Steriliseren of eerst een nestje
    • Vaak zeggen mensen: ik wil eerst een nestje en dan laat ik mijn teef pas steriliseren. De redenen kunnen uitlopen, mensen vinden het opvoedkundig goed voor de kinderen, ze vinden het schattig of omdat ze steriliseren zo duur vinden. Er gaat zelfs een fabel rond dat het goed zou zijn om de teef eerst een nestje te laten krijgen. Hier is geen medische reden voor.

      De beste leeftijd om een hond een nestje te laten krijgen is rond de 2 a 3 jaar, dit betekent dat je hond al een paar keer loops is geweest. Met elke loopsheid heeft de teef op latere leeftijd meer kans op melkkliertumoren. (tot al 25% meer kans na slechts 3 loopsheden). Ook wordt de kans op suikerziekte en op baarmoederontstekingen groter.

      Na elke loopsheid volgt altijd een schijnzwangerschap. Voor het lichaam voelt dit aan als een echte zwangerschap, dus elke keer is weer een flinke belasting.

      Het is afhankelijk per ras of de bevalling makkelijk of moeilijk zal verlopen. Omdat de kop van een bulldog groot is, zullen de pups meestal met een keizersnede gehaald worden.

      Castratie bij de hond is niet zozeer nodig. Vaak wordt de reu gecastreerd als deze dominant gedrag vertoont of als de hond vaak last heeft van voorhuidontstekingen.

      ^

  • Castratie van de reu
    • Waarom castreren?

      Er zijn verschillende redenen om te besluiten de reu te laten castreren:

      - dominant of agressief gedrag t.o.v. de eigenaar en/of andere mensen en/of andere honden

      - overlast door loopse teven in de buurt: weglopen, janken en slecht eten

      - voorhuidontsteking. Bij ongecastreerde reuen is dit vrij normaal. Over het algemeen hebben ze er weinig last van en kan het geen kwaad. Het verlies van druppels pus uit de voorhuid kan in huis natuurlijk wel een hygiëneprobleem opleveren. Regelmatig (1-2 keer per week) spoelen van de voorhuid met water of een speciale voorhuidcleaner verminderd de klachten. Een castratie doet het probleem vrijwel altijd volledig verdwijnen.

      - bij werkhonden om afleiding door loopse teefjes en andere honden zoveel mogelijk te voorkomen, zodat er meer aandacht is voor het werk.

      - medische indicaties: testikeltumoren, goedaardige prostaatvergrotingen, sommige tumoren rondom de anus die kleiner worden na castratie.

      Hoe gaat een castratie in zijn werk?

      De reu moet nuchter zijn op de dag van de castratie. De hond wordt namelijk onder gehele narcose gebracht. Als de hond niet nuchter is en hij gaat braken tijdens de narcose kan hij in zijn eigen braaksel stikken. De hond wordt geschoren net boven het scrotum (balzak). Na het scheren wordt de geschoren plek gewassen en  gedesinfecteerd. Er wordt een klein sneetje gezet op de geschoren plek. Via dit sneetje worden de beide testikels verwijderd.

                                                                                               

      De reu heeft weinig last van de ingreep. Na de castratie kan het lijken of de testikels niet verwijderd zijn. Dit komt door vocht, dat de balzak inloopt. Hierbij moet erop worden gelet dat de balzak niet groter wordt dan een tennisbal formaat.

      Om te voorkomen dat de reu aan de wond gaat likken (en het eventueel open gaat likken) krijgt de hond een kraag om of een medical pet shirt aan.

      Verderop in het geslachtsapparaat bevinden zich ook nog zaadcellen. Daarom is de reu tot enkele weken na de castratie nog vruchtbaar.

      Naast de “definitieve” castratie bestaat er ook een chemische castratie. Dit is een implantaat die regelmatig hormonen afgeeft aan het lichaam. Door de afgifte van hormonen krijg je een tijdelijk effect als van een castratie. De werkingsduur varieert. Bij een grote hond werkt het implantaat tot ongeveer 6 maanden en bij kleine honden kan het implantaat tot 12 maanden werken.

      ^

  • Het nut van vaccinatie
    • Infectieziekten bedreigen de gezondheid van uw trouwe viervoeter. Gelukkig bestaat de mogelijkheid er om tegen bepaalde ziekten te vaccineren (=inenten).

      Hoe werkt een vaccin?

      Met een vaccinatie wordt gebruik gemaakt van de natuurlijke afweer van uw hond. Een vaccin tegen een bepaalde ziekte zet het lichaam aan om een bescherming (een immuniteit) tegen een ziekte op te bouwen. Er zijn ook vaccins die met een toediening uw hond beschermen tegen een aantal ziekten, hierdoor kan men met minder injecties bij uw hond volstaan.

      Waarom herhalen?

      Na verloop van tijd zwakt het effect van de vaccinatie en heeft het lichaam van uw hond opnieuw een stimulans nodig om zijn weerstand op peil te houden. Hoe vaak en wanneer deze herhalingen plaats moeten vinden is afhankelijk van de ziekte waartegen men vaccineert.

      Het lichaam van de hond

      In onderstaand schema ziet u op eenvoudige wijze weergegeven waar zich de belangrijkste organen bevinden en welke infectieziekten deze organen kunnen aantasten.

      1 Hersenen: Hondenziekte en hondsdolheid

      2 Oog: Infectieuze leverziekte

      3 Neus

      4 Mond/keel

      5 Luchtpijp: Kennelhoest

      6 Slokdarm

      7 Hart: Parvo

      8 Longen: Hondenziekte

      9 Lever: Infectieuze leverziekte en ziekte van Weil

      10 Nieren: Ziekte van Weil

      11 Darmen: Parvo, hondenziekte, ziekte van Weil en herpesvirus

      12 Baarmoeder: Herpesvirus

      13 Blaas

      Parvo

       

      Deze ziekte wordt veroorzaakt door een klein virus (parvovirus). Infectie vindt plaats door opname van de virusdeeltjes, die door besmette dieren o.a. Met de ontlasting worden uitgescheiden. Het virus blijkt ongevoelig te zijn voor veel ontsmettingsmiddelen. Het virusdeeltje kan gedurende lange tijd in de omgeving aanwezig blijven. Vooral jonge dieren zijn gevoelig voor de infectie maar ook oudere dieren kunnen zich besmetten. De ziekte kenmerkt zich vaak door koorts en braken gevolgd door diarree, bij jonge dieren kan soms ook de hart spier aangetast worden.

       

      Hondenziekte (ziekte van Carré)

       

       

      Deze ziekte wordt veroorzaakt door een virus waarvoor vooral jonge honden gevoelig zijn. Infectie vindt plaats door virusdeeltjes die door besmette dieren worden uitgescheiden en opgenomen worden door gevoelige dieren. De ziekte begint vaak met oog- en neus uitvloeiing gecombineerd met koorts. Ook kunnen de longen en darmen worden aangetast en wordt het beeld soms verergerd met zenuw verschijnselen (zogenoemde ‘tics’)

       

      Infectieuze leverziekte (HCC)

       

       

      De ziekte wordt veroorzaakt door een virus en wordt vaak aangetroffen bij jonge honden. Infectie vindt plaats door inademing of door de opname van virusdeeltjes met de mond. Dieren die de ziekte doorgemaakt hebben en genezen zijn kunnen nog maanden virusdeeltjes uitscheiden. Vaak ziet men een acuut optredende ziekte die zich kenmerkt door ooguitvloeiing, hoge koorts, opeenhopingen met bloederig vocht in de lichaamsholten en een vergrootte lever. Een tweede type van dit virus veroorzaakt aandoeningen van de ademhalingswegen en kan een onderdeel van het kennelhoest complex zijn.

       

      Ziekte van Weil (leptospirose)

       

       

      Deze ziekte wordt veroorzaakt door de zogenaamde leptospiren; dit zijn bacteriën die door geïnfecteerde dieren voornamelijk met de urine worden uitgescheiden. Ook de bruine rat speelt een rol bij verspreiding van deze ziekte. Infectie komt tot stand doordat de hond contact heeft met de urine van een geïnfecteerde hond of met de urine van een geïnfecteerde bruine rat. De ziekteverschijnselen kunnen zich plotseling of wat geleidelijker voordoen en bestaan uit: algemeen ziek zijn, koorts, maagdarmstoornissen, nierontsteking en soms geelzucht door de ontsteking van de lever.

       

      Kennelhoest

       

       

      Dit ziektebeeld kan veroorzaakt worden door een aantal infectieuze oorzaken waarvan de belangrijkste het ‘parainfluenzavirus’, het ‘Canine Adenovirus type 2’ en de ‘bordetella bacterie’ zijn. Honden besmetten zich door opname of inademing van de verwekkende kiemen. Vaak hangt de ziekte samen met een verandering in de leefomstandigheden van de hond (bv. Een verblijf in een hondenpension). De verschijnselen zijn vaak een harde droge hoest als gevolg van de ontsteking van de luchtpijp, die zich eventueel naar de lagere luchtwegen (bv. De bronchiën) kan uitbreiden.

       

       

      Het herpesvirus dat deze ziekte veroorzaakt wordt ofwel tijdens de dracht of vlak na de geboorte van de teef op de pups overgedragen, waarbij de teef het virus bij zich kan dragen zonder er zelf ziek van te zijn. Deze ziekte uit zich door vruchtbaarheidsproblemen bij de teef en eventueel abortus. Bij jonge pups in het nest kan dit virus algemene ziekteverschijnselen, zoals braken, lusteloosheid en diarree veroorzaken, waarbij ook jonge pupsterfte op kan treden.

       

      Hondsdolheid (rabiës)

       

      Het hondsdolheidvirus is besmettelijk voor alle warmbloedige dieren, waaronder bv. hond, kat en mens. De besmetting komt meestal tot stand door een beet van een geinfecteerd dier bv. een vos omdat het speeksel van een besmet dier virusdeeltjes bevat. Na enige tijd treden gedragsveranderingen op die zich kunnen uiten als agressief gedrag. Het verloop van de ziekte is meestal fataal.

      ^

  • Obesitas (overgewicht)
    • Mensen beschouwen honden steeds meer als lid van hun gezin. Daardoor denken mensen dat ze de hond er een groot plezier mee doen om deze te veel voeding te geven. Dit kan tot gedragsproblemen ontstaan maar ook tot obesitas.

      Hoe ontstaat obesitas bij de hond?

      Obesitas wordt veroorzaakt tussen de energieopname via de voeding en het energie verbruik van de hond. De oorzaak kan bij het dier zelf liggen (ziekte, gedragsproblemen) maar ook bij de eigenaar.

      Obesitas betekent niks anders dan ernstig overgewicht, en wordt gebruikt als de hond 15% zwaarder is dan zijn ideale gewicht. Alles daartussen wordt overgewicht genoemd.

      Het vaststellen van het ideale gewicht van uw hond kan moeilijk zijn. Zeker wanneer het geen rashond is. Het ideale gewicht van uw hond kunt u beoordelen door de lichaamsconditie score te meten. Dit doet u door het voelen van de ribben:

      - de ribben zijn voelbaar zonder al te veel zichtbaar te zijn = ideaal gewicht

      - de ribben zijn moeilijk te voelen = overgewicht

      - de ribben zijn helemaal niet te voelen = obesitas

      Obesitas kan door verschillende redenen ontstaan:

      - Inwendige aandoeningen zoals: diabetes mellitus, schildklieraandoeningen, gedragsproblemen (slechte relatie tussen hond en eigenaar).

      Waarom is obesitas schadelijke voor de gezondheid?

      Als obesitas al vroeg optreedt tijdens de groei dan kan dat schadelijk zijn voor de toekomstige gezondheid. Bij dieren die gecastreerd of gesteriliseerd zijn komt ook vaker obesitas voor dan bij dieren die nog intact zijn.

      Obesitas maakt behandeling door dierenarts moeilijker

      Obesitas vergroot de kans op moeilijkheden en complicaties bij chirurgische ingrepen: de kans op problemen bij de anesthesie zijn groter, de operatie en onderzoeken duren langer en zijn gecompliceerder door de aanwezigheid van vet. Ook genezen wonden slechter en functioneert het immuunsysteem minder goed, waardoor het risico van postoperatieve infecties groter wordt.

      Het geven van tussendoortjes kan ongewenst gedrag uitlokken

      Voeding is voor de westerse mens een middel om te bemiddelen en uiting van genegenheid. Daarom wordt voeding gezien als de makkelijkste manier om contact te leggen met dieren. Ook wordt voeding gegeven als schuldgevoel als de hond bijvoorbeeld een hele dag alleen thuis is geweest.

      Voor de hond heeft deze manier van communiceren een hele andere betekenis. Wanneer de hond iets krijgt zonder iets goed gedaan te hebben ontstaat er verwarring.

      Sommige honden gaan daardoor probleemgedrag ontwikkelen, zoals dwingend en soms agressief bedelen om iets lekkers.

      Wanneer een beloning wordt gegeven als de hond iets goed heeft gedaan moedigt dit de hond aan om het gewenste gedrag te herhalen. Belonen wordt gebruikt om iets aan de hond te leren ( gehoorzaamheid, zindelijkheid, behendigheid etc.)

      Belonen kan ook op een andere manier gedaan worden dan alleen met iets lekkers. Als de hond zich goed heeft gedragen of goed heeft geluisterd kunt u de hond ook belonen door te aaien of door met een bal te spelen. De hond maakt het niks uit of hij iets lekkers krijgt of wordt geaaid.

      Hoe voorkom je obesitas bij een jonge hond?

      Als de pup is gespeend en de eigenaar aan tafel zit te eten moet deze niet reageren op de pup. Geef geen voeding om u geliefd te maken bij een hond. Voeding mag in twee gevallen worden gegeven: als maaltijd en als beloning tijdens de opvoeding.

      Stel in huis vaste regels omtrent de voeding van de pup:

      - De eigenaar bepaalt de hoeveelheid voer per dag en in hoeveel porties het over de dag wordt verdeeld

      - Laat tijdens de maaltijd de bak voor een bepaalde tijd staan. Haal daarna de bak weg ook al is het eten niet op.

      - Laat de hond alleen eten en blijf niet staan kijken

      - Als de hond zijn bak niet binnen een bepaalde tijd leeg heeft roep de hond dan naar een andere kamer en haal daarna pas de bak weg

      - Weersta de verleiding om de hond aan te moedigen om te eten behalve als de hond ziek is

      Hoe voorkom je obesitas bij de volwassen hond?

      De dagelijkse hoeveelheid voeding moet aangepast zijn aan de energiebehoefte van de hond. Dit ligt hoger tijdens de groei, bij veel lichaamsbeweging, extreme klimatologische omstandigheden en bij voortplanting (dracht en zoog van de teef). De energiebehoefte is lager na castratie of sterilisatie, bij weinig lichaamsbeweging en bij het ouder worden van de hond. Houdt daarom het gewicht van uw hond goed in de gaten. Zet de hond bij elk bezoek aan de dierenarts op de weegschaal en pas de voeding aan, aan de leefwijze van de hond.

      Wat moet u niet doen:

      - Zoete tussendoortjes en tafelrestjes moeten worden niet gegeven worden

      - Wanneer voeding wordt gebruikt als beloning moet dit in mindering worden gebracht op de totale dagelijkse hoeveelheid voeding.

      - Als de hond blaft geef dan nooit iets lekkers, de hond zal daarna weer gaan blaffen maar dan om te bedelen om een koekje

      - Bepaal hoeveel lichaamsbeweging de hond minimaal moet krijgen (voldoende lange wandelingen en actieve spelletjes kunnen er ook voor zorgen dat uw hond afvalt en op gewicht blijft)

      Hoe kunt u zien en voelen of uw hond obesitas heeft?

      - Ideaal gewicht: de ribben, de ruggenwervels en de bekkenbeenderen zijn niet zichtbaar, maar wel goed te voelen

      - Overgewicht: De taille is niet zichtbaar. Bij de ruggengraat is een vetlaag zichtbaar

      - Obesitas: er is een toename van de buikomvang zichtbaar

      Hoe kan de periode van gewichtsverlies makkelijker worden gemaakt?

      U als eigenaar moet de verantwoordelijkheid nemen en alle tussendoortjes weg laten. Om te kijken hoeveel de hond aan tussendoortjes krijgt kunt u de tussendoortjes in een pot stoppen. Zo ziet u hoeveel uw hond naast het gewone voer aan tussendoortjes binnen krijgt.

      Wijzig de verwachting van de hond: de hond heeft vaak eten gekregen door te vragen om aandacht en houdt dit vol tot er nieuwe rituelen zijn ingevoerd. Om de halt toe te roepen zonder de hond in verwarring te brengen moet de eigenaar hem afleiden met bijvoorbeeld speelgoed, aaien of door zelf met hem te spelen.

      Het gehele gezin moet zich houden aan de regels: Niemand mag de hond tussendoortjes geven!

       

       

      ^

  • Besmettingsrisico bij zwemmen
    • Iedere zomer is het weer raak. Er wordt op de televisie en radio gewaarschuwd voor blauwalg. Bij open wateren staan weer borden dat er een zwemverbod wordt ingesteld. Maar hoe groot is het gevaar voor zwemmende honden?

      Er spelen 2 factoren mee om een ziekteverwekker op te lopen. Ten eerste de ziektegevoeligheid van het dier en ten tweede de blootstellingfactor van de verwekker aan het dier.  Deze laatste factor wordt onder andere bepaald door de mate waarin de ziekteverwekker voorkomt en kan beïnvloed worden door zaken als een open verbinding met rioleringswater of invloeden van het klimaat.

      Onderzoek naar de genoemde factoren zijn er niet of nauwelijks verricht. Een directe risicobepaling is dus niet te doen. Wel is er onderzoek gedaan naar de risico’s voor de mens. Deze gegevens zou je als basis kunnen nemen voor een risicobepaling bij honden.

      Hou hierbij wel in de gedachte dan de ziektegevoeligheid bij honden en mensen verschillend kan zijn en dat er ook bepaalde hondspecifieke pathogenen (ziekteverwekkers) zijn.  Ook zijn er verschillen in blootstelling aan de ziekteverwekkers. Wij kunnen de beslissing nemen om een duik te nemen in schoon helder water of donkergekleurd drassig water. Een hond springt daar het water in waar de bal of tak wordt gegooid.  Daarbij zullen de honden ook dat water drinken.

      Bij de risico’s vanuit de gegevens van de mensen wordt een verdeling gemaakt in 4 categorieën, namelijk:

      - faecale verontreiniging

      - cyanobacteriën

      - zwemmersjeuk

      - resterende infecties ( leptospirose, botulisme)

      Facecale (uitwerpselen) verontreiniging

      Dit kan op vele manieren in oppervlaktewater terechtkomen. Voorbeelden hiervan zijn; rioleringswater dat in contact komt met oppervlaktewater met mestproducten uit de landbouw. Maar ook zwemmende mensen, huisdieren en wilden dieren kunnen het water besmetten met verschillden pathogenen zoals de bacterie campylobacter en de protozo giardia lamblia. In de meeste gevallen gaat het om gastheerspecifiek serotype voor honden, dat zich niet verspreidt via rioolwater of landbouwmest , maar wel via geïnfecteerde honden zelf. Een humaan pathogeen serotype kan bij honden wel tot een infectie leiden. In dat opzicht lopen honden dus een groter risico op infectie dan mensen.

      Giardia lamblia wordt verspreidt  via landbouwmest, rioleringswater, maar ook door wilde dieren zoals muskusratten en diverse soorten watervogels.

      Cyanobacteriën

      Cyanobacterien (blauwalgen) zijn bekend van de zogenaamde algenbloei in warme
      periodes. Het risico voor zwemmende recreanten bestaat uit toxines (gifstoffen)
      die deze organismen produceren. In Nederland spelen vooral 4 geslachten een
      rol in deze algenbloei. De soorten uit deze geslachten produceren 2 toxines en
      bij ingestie of via contact met de slijmvliezen kunnen deze een hepatotoxisch
      (leverbeschadiging) en neurotoxisch effect hebben.

      Bij hoge opgenomen concentaties kunnen ze zelfs tot sterfte leiden. Zowel bij honden als bij mensen zijn gevallen bekend van vergiftiging met de toxines van deze bacteriën.

      Verschillende soorten Cyanobacterien soorten hopen zich in een bloeiperiode op in drijflagen aan het oppervlak. In deze drijflagen zijn deze toxine in zeer grote concentraties aanwezig. Deze lagen zijn wel duidelijk zichtbaar en vaak ook herkenbaar aan een karakteristieke geur.

      Zwemmersjeuk

      Zwemmersjeuk wordt veroorzaakt door de cercariën van de platworm. Deze volwassen worm leeft in watervogels, maar de cercariën hebben zoetwaterslakken als tussengastheer. De larven kunnen bij zwemmers de huid binnendringen en daar lokale leasies veroorzaken. Dit gaat vaak gepaard met ernstige jeuk en dermatitisbeeld of allergie. De infecties vinden plaats in de zomer, omdat de cyclus dan zover is dat de cercariën aan het oppervlak van het water op zoek zijn naar hun eindgastheer.

      In hoeverre deze larven hetzelfde ziektebeeld kunnen veroorzaken is niet duidelijk door gebrek aan onderzoek.

      Leptospirose

      Er zijn diverse serovars bekend van de leptospirabacterië die ziekte kunnen veroorzaken bij mensen en dieren. In Nederland speelt echter een beperkt aantal serovars een rol: Ziekte van Weil, modderkoortts en melkerkoorts (komt in Nederland nog zelden voor en verspreidt zich van koe naar mens). De andere 3 vormen echter wel een risico voor zowel zwemmende honden als mensen. De leptospirabacterië leeft in de nieren van zijn natuurlijke gasteer, in de natuur is dat de rat en de muis. Via de urine van deze dieren worden bacillen uitgescheiden, die in de omgeving van de gastheer terecht komen en uiteindelijk in het oppervlaktewater. De bacillen leven het langst bij een temperatuur van 25-30˚C.  Zwemmende honden en mensen kunnen echter via hun slijmvliezen, via huidleasies of via ingestie van vervuild water ook de ziekte van Weil en modderkoorts oplopen. De ziekte van Weil geeft een ernstig ziektebeeld en kan in sommige gevallen aanzienlijke schade toebrengen aan de lever- en nierfunctie. Deze infecties worden meestal in de maanden juli tot november waargenomen, als het water warm is, en bovendien na een regenachtig voorseizoen. Honden staan dus in deze periode bloot aan de risico’s door  zwemmen en drinken van het vervuilde water.

       

       

      ^

  • Kanker en mogelijke behandelingen
    • Kanker wordt veroorzaakt door ongecontroleerde groei van abnormale cellen. De snelheid waardoor kanker zich verspreid ligt aan de soort cellen waarin het zich bevindt.  Het aantal honden dat kanker heeft groeit met de jaren.

      Welke oorzaken zijn er van kanker?

      De oorzaken van kanker bij honden is nog met zekerheid vastgesteld. Oorzaken kunnen zijn:

      - Giftige chemicaliën of straling

      - Afwijkingen in het immuunsysteem dat normaal het lichaam beschermt tegen besmettelijke zieken

      - Abnormale genen (erfelijk)

      Hoe weet je of je hond kanker heeft?

      De symptomen van kanker zijn zeer variabel. Het ligt aan de soort cellen, de plaats in het lichaam waar de kanker zich bevindt en hoe ver de kanker al in gevorderd in het lichaam. Honden met kanker verliezen gewicht en hun eetlust. Als u hond kanker heeft kan deze last hebben van braken, diarree, constipatie en koorts. U hond kan ook snel vermoeid raken door bijvoorbeeld bloedarmoede dat kanker kan veroorzaken. Kanker kan bij elke hond voorkomen en op elke leeftijd. Wel is het zo dat het ene ras meer risico heeft dan de andere.

      Kan kanker worden behandeld?

      Ja, de meeste soorten kanker kunnen worden behandeld, dit ligt aan de soort kanker en of de ziekte zich al heeft verspreid. De genezing is variabel. Sommige soorten kanker kunnen worden genezen en soms zorgt een behandeling er alleen voor dat de hond een betere kwaliteit van leven heeft. Soms is euthanasie de beste oplossing, zo heeft de hond ook geen langzame en pijnlijke dood.

      Er zijn drie opties oor behandeling van kanker. Niet alle drie de opties zijn geschikt voor behandeling van alle soorten kanker. Een combinatie van behandelingen kunnen voor een succesvolle genezing zorgen.

      De drie behandelmethoden zijn:

      - Chirurgisch verwijderen: Meestal de beste keus om een tumor te verwijderen. Dit wordt meestal gedaan als de kanker in het beginstadium is en als er nog geen uitzaaiingen zijn. Als de tumor in zijn geheel wordt weg gehaald geeft het vaak goede resultaten.

      - Chemotherapie: Dit is de beste behandeling als de kanker in het bloed zit of op moeilijke plekken in het lichaam. Chemotherapie kan uitzaaiingen verhinderen of vertragen naar andere organen na een chirurgische ingreep. Dit wordt alleen gedaan in gespecialiseerde klinieken.

      - Bestraling: Dit kan alleen gedaan worden als de dierenarts precies de plek van de tumor weet en de afmetingen. De straling tast namelijk niet alleen de abnormale cellen aan maar ook de gezonde cellen. Bestraling wordt alleen gedaan in gespecialiseerde klinieken. In sommige gevallen is het een optie om radioactieve vloeistof in het lichaam te spuiten om de kanker cellen te doden.

      Heeft mijn hond pijn?

      Bij de meeste gevallen van kanker heeft de hond wel pijn, maar de pijn kan goed worden bestreden met pijnstillers. De dierenarts zal eerst pijnstillers voorschrijven, als de pijnstillers niet meer genoeg werken kunnen er nog andere middelen worden voorgeschreven.

      Is een dieet belangrijk?

      Het dieet van uw hond kan bijdragen aan de kwaliteit van leven. Honden met kanker hebben extra voedsel nodig om de snelgroeiende tumor het hoofd te bieden. Veel kankerpatiënten verliezen hun eetlust en ook gewicht. Door het voer op te warmen of de hond met de hand te voeden kan de hond stimuleren weer te gaan eten. Er bestaan ook dieetvoeders speciaal voor honden met kanker/

      Hoe lang kan mijn hond met kanker leven?

      Dit is de vraag die elke eigenaar graag beantwoord wil hebben. Helaas is het onmogelijk om hier antwoord op te geven. De levensverwachting hangt af van de soort kanker, het stadium, de leeftijd van de hond en de algemene gezondheid van de hond.

      Als uw hond kanker heeft laat hem dan regelmatig controleren door de dierenarts. Zo kun je uitsluiten of de hond erge pijn heeft en of hart en longen zijn aangetast.

      ^

  • Erfelijke oogaandoeningen
    • Bij de hond komen, net zoals bij de mens een groot aantal oogaandoeningen voor, die tot blindheid kunnen leiden. Bepaalde aandoeningen zien we bij een bepaald ras meer dan bij andere rassen of kruisingen. Hieronder zullen een aantal oogaandoeningen worden beschreven.

      Entropion

      Wanneer de rand van het ooglid een afwijkende stand heeft of om andere redenen niet goed aansluit zullen er problemen ontstaan. Als de ooglidrand naar binnen krult komen de haren die buiten op het ooglid staan tegen het hoornvlies aan en irriteren de oogbol ernstig. Doordat de haren over het hoornvlies heen en weer “raspen” zal er een ontsteking ontstaan die zorgt voor vertroebeling van het hoornvlies. De hond begint ook vaak te knipperen en/of te knijpen met het oog, dit is een teken van pijn. Het oog zal ook hevig gaan tranen en eventueel lichte schuwheid vertonen. Ook kunnen er defecten ontstaan (zweervorming). Het hoornvlies kan zodanig worden beschadigd dan er een gat in valt (perforatie), dit zal in de meeste gevallen tot blindheid leiden. Entropion is te verhelpen door middel van een operatie. Entropion kan erfelijk aangelegd zijn. Het is daarom aan te raden om niet te fokken met dieren die Entropion hebben. Ook fokken met de ouders en nestgenoten van dieren die lijden aan Entropion is af te raden.














      Schematische weergave van het oog                                                                                                                        Entropion

      Distichiasis

      Distichiasis kan worden omschreven als enkelvoudige voorkomende, of in een of meerdere rijen in de ooglidrand groeiende haren. Deze haren groeien uit kleine kliertjes waarvan er normaliter enige tientallen per ooglidrand aanwezig zijn, Distichien zijn iets verder naar binnen op de ooglidrand ingeplant dan winpers bij de mens. Het zijn extra haren, want een hond heeft geen wimpers. Deze ‘extra’ haren kunnen de oogbol gaan irriteren. Hoe erg de irritatie is hangt af van het aantal, de stand, de dikte en de lengte van de extra haren. De opgewekte pijn, irritatie en risico’s voor het gezichtsvermogen zijn in principe hetzelfde als bij Entropion. De behandeling van distichiasis is het permanent verwijderen van de haren die het probleem veroorzaken. Deze aandoening wordt veel gezien bij de Amerikaanse cocker Spaniel, Boxer en Flatcoader Retriever.

      Distochiasis wordt als een erfelijke aandoening beschouwt. Fokken met honden die deze aandoening hebben wordt afgeraden.

      Cataract

      Cataract of staar is vertroebeling van de lens. Het wordt ook wel grauwe of grijze staar genoemd. Als een klein deel van de lens troebel is geworden kan het gezichtsvermogen nog redelijk goed zijn. Helaas breiden bijna alle vormen van cataract zich langzaam of snel uit totdat de lens geheel ondoorzichtig is geworden. De pupil is dan geheel grijs-wit. Vaak wordt het op langere termijn aan beide ogen gezien. Een normale lens kent een verouderingsproces waarbij de hond vanaf ongeveer 6 jaar een verdichting van de lenskern optreedt. Het gezichtsvermogen neemt nauwelijks af in tegenstelling tot ‘echte’staar.

      Sommige stofwisselingsstoornissen kunnen cataract veroorzaken zoals: suikerziekte, sommige vergiftigingen, straling en een tekort aan bepaalde voedingsbestanddelen (aminozuren en vitaminen). Het binnendringen van een vreemd voorwerp (bijvoorbeeld een kattennagel of een doorntje) kan voor ernstige en diepe schade zorgen en voor lensvertroebeling.

      Bij honden komt erfelijke cataract het meeste voor. Ook zijn er meer vormen van staar te onderscheiden namelijk; een vorm die op jonge leeftijd optreedt (aangeboren of ontstaan voor het 2e levensjaar). Daarnaast bestaat er een vorm die bij wat ouderen honden (3 tot 7 jaar) voorkomt, de ‘echte’ouderdomsstaar of seniel cataract.

      Het ontstaan en verloop van grauwe staar zijn niet met medicijnen te remmen of genezen. Een operatieve behandeling is wel mogelijk waarbij de troebel geworden lens of het grootste deel ervan verwijderd wordt. In veel gevallen kan er het gezichtsveld worden verbeterd door er een kunstlensje in te brengen. Deze operatie kan niet bij alle dieren met staar worden uitgevoerd.

      Cataract kan erfelijk aangelegd zijn. Er wordt dan ook geadviseerd om met honden die bekend zijn met cataract niet verder te gaan fokken.


      Cataract

      Retina dysplasie (RD)

      Retina dysplasie komt als een aparte, voor de geboorte ontstane, abnormale ontwikkeling van het netvlies. Het belangrijkste kenmerk is dat de ‘zenuwlagen’ van het netvlies niet goed vastzitten op de daarachter liggende pigmentlaag. De afwijking is aangeboren en kan aan 1 of beide ogen voorkomen.

      Afhankelijk van de ernst worden en 3 vormen onderscheidt:

      · De focale (locale of multifocale) vorm: hierbij zitten er een of meer kleine rechte plooitjes of afgeronde stukjes in de zenuwlagen van het netvlies die niet goed tegen het erachter liggende pigmentepitheel aan liggen .Deze vorm komt voor bij de Amerikaanse Cocker Spaniël, Schotse herder, Rottweiler, Beagle en Labrador retriever.

      · Geografische RD: Hierbij zijn grote delen van de zenuwlagen van het netvlies, of in elkaar overgaande plooien, die niet goed tegen het erachter liggende pigmentepitheel aan liggen. Hieronder vallen ook relatief grote ronde, ovale of hoefijzervormige verhevenheden. Ook al is RD aangeboren, deze delen kunnen zich in de loop van het leven optreden van degeneratie verder beschadigen. Deze vorm van RD komt voor bij de Engelse Springer Spaniël, Labrador Retriever, Golden Retriever en de Picardische herder.

      · Totale RD: Dit is de ernstigste vorm van RD, waarbi grote delen van de zenuwlaag van het netvlies in het geheel niet tegen het erachter liggende pigmentepitheel aan liggen zodat hierbij sprake is van een totale netvliesloslating. Deze vorm komt voor bij de Bedlington, Sealyham en Yorkshire Terriër en bij de Labrador Retriever. Bij de labrador kan deze vorm in combinatie met ernstige skeletdeformaties (o.a. dwerggroei).

      De focale vorm van RD geeft geen aanleiding tot klachten en is dus voor de patient zelf niet van belang maar mogelijk wel voor het nageslacht. De andere twee vormen tasten het gezichtsvermogen wel aan. Bij een totale netvlies loslating is het aangetaste oog geheel blind.

      RD kan erfelijk bepaald worden.

      ^

  • Waarom is chocolade giftig voor de hond?
    • Het basis ingrediënt van chocola is cacao. De bonen die van de cacaoboom worden gehaald worden geroosterd en gepeld en vervolgens vermalen tot een cacoamassa.

      In deze massa zitten bepaalde stoffen: alkaloïden. Twee van deze stoffen zijn theobromide en cafeïne en deze zijn giftig voor de hond.

      De hoeveelheid alkaloïden in chocola verschilt per merk en per soort chocolade. Witte chocolade bevat minder van deze stoffen dan pure chocolade.

      Waarom worden honden er ziek van en mensen niet?

      Mensen kunnen deze stoffen zonder problemen snel verwerken. Honden hebben een veel langere tijd nodig om deze alkaloïden uit het lichaam te verwijderen. Zo worden de giftige stoffen in het lichaam opgestapeld. Of de hond ziek wordt van de chocolade ligt aan het gewicht van de hond, het soort en de hoeveelheid chocolade die de hond heeft opgegeten.

      Geldt dit ook voor katten?

      Katten kunnen ook absoluut niet tegen de stoffen die chocolade bevatten. Katten zullen het niet zo gauw opeten, maar u mag het ze absoluut niet geven.

      De verschijnselen van een chocoladevergiftiging

      De eerste verschijnselen treden pas na 4 tot 12 uur op. De hond wordt onrustig, drinkt en plast veel en kan gaan braken. Het is mogelijk dat de hond gaat rillen of epileptische aanvallen krijgt. Bij een zware vergiftiging kan het leiden tot hartritmestoornissen en kan de hond in coma raken. Vooral oudere honden kunnen hier aan dood gaan.

      Als een drachtige hond teveel chocolade binnenkrijgt kunnen de ongeboren pups de giftige stoffen via de placenta opnemen en hierdoor sterven.

      Wat moet u doen als uw hond chocolade heeft gegeten.

      Belangrijk is om te weten hoeveel gram van welke soort is opgenomen. Hieronder een leidraad berekend op de minimaal dodelijke dosis en geschatte hoeveelheden theobromine per product:

      -          cacaopoeder: 5 gram poeder per kg hond (10kg hond 50 gram. 30kg hond 150 gram cacaopoeder)

      -          melkchocolade: 50gram melkchocolade per kg hond (10kg hond 500gram, 30kg hond 1.5 kg    melkchocolade)

      -          pure chocolade: 20gram donkere chocolade per kg hond ( 10kg hond 200gram, 30kg hond 600gram pure   chocolade)

      -          extra pure chocolade: 7.5gram extra pure chocolade per kg hond (10kg hond 75gram, 30kg 225gram extra   pure chocolade)

      -          witte chocolade: bevat vrijwel geen theobromine

      Wanneer uw hond chocolade heeft binnen gekregen kunt u het beste zo snel mogelijk contact opnemen met uw dierenarts om te overleggen wat te doen. Wacht niet af!

      Voorkomen is altijd beter dan genezen! Laat chocolade nooit onbeheerd op tafel staan of in openstaande tassen liggen.

      ^

  • Zijn rauwe eieren goed voor de vacht?
    • Rauwe eieren bevatten avidine. Avidine breekt biotine(een B-vitamine) af. Een tekort aan biotine leidt tot huidontstekingen, haaruitval en zenuwstoornissen. Bovendien bevatten rauwe eieren vaak salmonella- en campylobacterbacteriën. Avidine wordt onwerkzaam gemaakt, door het ei te koken, de bacteriën  sterven dan ook af. Alleen een gekookt ei is dus goed voor de vacht.

      ^

  • Huidproblemen
    • De huid is het grootste orgaan.  Bij een hond van 60kg is de huid ongeveer 2 vierkante meter en weegt al snel 7kg. Bij een hond zit de huid veel losser dan bij de mens. Bij een hond kun je zo de huid optillen en bij de mens gaat dat veel moeilijker.

      Als de huid ziek is kan het om een schaafwondje gaan maar ook om ernstige huidproblemen. Deze kunnen soms het gehele leven van de hond aanhouden. Sommige huidproblemen zijn snel te behandelen. Denk hierbij aan parasieten, zoals vlooien en teken. Het aanpakken van schimmels word al een stuk lastiger. Als we hier met een goede behandeling en veel geduld mee om gaan kunnen we dit probleem ook onder de knie krijgen.

      Vaak zijn huidklachten gebaseerd op een bacteriële infectie.  Hierdoor kan er ook een bacteriële allergie ontstaan. Deze honden hebben dan last van pukkeltjes en rode plekken, korstjes en open wondjes. In het begin zal de jeuk nog meevallen maar na verloop van tijd wordt de jeuk steeds heftiger  en zal de hond zichzelf beschadigen waardoor de infectie zich nog verder zal gaan uitbreiden. Als de diagnose bacteriële allergie is gesteld door de dierenarts zal deze een behandeling voorschrijven

      Voedingsallergie

      Net zoals bij de mens zien we bij honden ook steeds vaker allergieën. Voedingsallergie ontstaan in de regel vaak op jonge leeftijd. Deze honden worden vaak allergisch voor de eiwitcomponenten in het voer. De jeuk zit over het gehele lichaam maar vooral tussen de tenen, in de oren en in de liezen. Om vast te stellen of een hond last heeft van een voedingsallergie zal men zich aan een strikt dieet moeten houden. Als er zeker is vastgesteld dat een hond last heeft van een voedingsallergie zal men zich de rest van het hondenleven moeten houden aan het strikte dieet.

      Atopie

      Atopie is een allergie voor stofjes die via de luchtwegen worden opgenomen. Bij de hond ziet men geen hooikoortsachtige verschijnselen zoals bij de mens, maar de allergie uit zich in huidklachten met jeuk. De diagnose kan worden gesteld met een huidtest.

      Vachtconditie

      De vachtconditie en de balans van de huid spelen een belangrijke rol voor het welzijn van de hond en zijn huid. Goede voeding zorgt voor een goede balans van het lichaam en de huid. Regelmatig de hond borstelen werkt mee voor een goede vachtconditie. De hond wassen met een shampoo kan de balans weer verstoren. Was daarom altijd met een speciale shampoo.

      ^

  • Vachtverzorging
    • Het ligt aan de soort vacht die een hond heeft of hij veel of weinig vachtverzorging nodig heeft. Een kortharige hond heeft alleen kort dekhaar en heeft bijna geen vachtverzorging nodig, toch moet zo’n hond wel geborsteld worden.


      Komondor
                 

      Chinese naakthond

      Waarom borstelen?

      • verwijderen van dood haar en vuil
      • massage van de huid
      • verdeling van de talg over het haar
      • controle van de huid en parasieten
      • bevestiging van de rangorde

      Honden met  bijvoorbeeld stokhaarvacht hebben dekhaar met daaronder onderwol. Deze vacht verhaart 2 keer per jaar. Aan het begin van de zomer verliezen ze hun onderwol, die er met plukken uitvalt en in het najaar is er een minder sterke verharing. Het dekhaar verhaart het hele jaar door. Het dode haar veroorzaakt jeuk en we zien dan dat honden zich gaan krabben en schuren. Vandaar dat borstelen dan noodzakelijk is. Doen we dit niet dan ontstaan er kale plekken en klitten.

      Door te borstelen masseer je de huid waardoor de doorbloeding beter wordt. De conditie van de huid en de vacht wordt beter en de hond vindt de massage erg fijn.

      Talgklieren produceren talg dat zich verspreidt over het huidoppervlak en de haren, waardoor de juiste vochtigheidsgraad behouden blijft.

      Bij honden met een hele dichte vacht, kun je de huid niet goed bekijken. Er zouden dus wondjes kunnen zitten zonder dat je het merkt. Ook parasieten zoals vlooien en teken zijn bij deze vachten moeilijk te ontdekken. Wanneer je goed borstelt kun je telkens op de huid kijken en deze controleren.

      Binnen een gezin of bij een groep honden, een roedel kennen we een rangorde. Dat wil zeggen dat er een leider is en dat alle anderen hun eigen plaats hebben binnen het roedel. De leider, bij de hond is dit de baas, staat letterlijk en figuurlijk boven de anderen. Hij bepaalt wat er gedaan wordt en de lagere in de rang moeten zich aanpassen. Wanneer je de hond borstelt sta je over hem heen gebogen en moet hij stil blijven staan en alle handelingen toelaten. Dit is eigenlijk een les  ‘ wie is hier de baas’ op een vriendelijke en een nuttige manier. Hier kun je niet jong genoeg mee beginnen, het mooiste is een pup al te borstelen vanaf 4 weken oud.



      Universele borstel

      Herderhark













      Slickerborstel

      Rubberen borstels











      Borstel met rechte pennen

      Borstel met zachte haren











      Grove kam

      Matbreaker








      ^

  • Basistraining
    • De hondeneigenaar is verantwoordelijk voor zijn huisdier in openbare gelegenheden, dus als uw hond zich misdraagt kan dat problemen opleveren. Een slecht getrainde hond kan gevaarlijk zijn voor u en voor zichzelf. Als u een goed getrainde hond wilt, begin dan op een zo jong mogelijke leeftijd met trainen. Er is niks mooiers dan een goed luisterende hond.

      De socialisatie klas

      Als u een zeer jonge hond hebt begint u bij de puppy socialisatie. Deze klas richt zich op de basis training van uw hond. De pup wordt geleerd om, om te gaan met andere honden en mensen. U wordt ingedeeld in een groep waarvan de honden allemaal op hetzelfde niveau zitten.

      De basistraining

      De basistraining is belangrijk voor een correct gedrag van uw hond. Bij deze training wordt uw hond geleerd respect te hebben voor de baas. Na deze training kent uw hond de basis commando’s; zit, blijf, af en kom voor.

      Wanneer kan ik starten met de training van mijn puppy?

      U kunt beginnen met een simpele training zodra u de hond in huis heeft. Hoe sneller u begint met de training hoe makkelijker het gaat. De sleutel naar een goed luisterende hond is consequent zijn. De eerste trainingen zullen niet lang duren, puppy’s kunnen zich niet veel langer concentreren dan een paar minuten. Maak van deze training een dagelijkse routine en houd het leuk voor de hond.

      Als deze training afgelopen is, is het een mooie ervaring voor u en uw hond.

      Hoe train ik mijn hond?

      Een goede training draait om herhaling. Een hond kent het verschil niet tussen goed en slecht. Herhaal wat u doet met uw hond en beloon uw hond met brokjes of een aai als uw hond iets doet wat u graag wilt. Veel mensen maken de fout de hond te negeren als hij stil ligt en geven hem alleen aandacht als ze willen dat hun hond ergens mee op moet houden.

      Het is belangrijk om consequent te zijn tijdens de training. Uw hond moet leren welk gedrag acceptabel en onacceptabel is. Het is oneerlijk en verwarrend als u de regels elke dag veranderd.

      Moet ik vervolg cursussen volgen?

      Vervolg trainingen gaan niet over trainen van uw hond maar hoe u het beste kan omgaan met uw hond. Een belangrijk punt van deze cursus is de lichaamstaal van uw hond te leren begrijpen.

      Wat kan ik nog meer doen met mijn hond?

      Er zijn veel dingen die u met uw hond kunt gaan doen. Een paar voorbeelden zijn: flyball, behendigheid, wapens leren opsporen en pakwerk Een leven lang vol training kan leuk zijn voor u en uw hond.

      Waar kan ik meer informatie over dit onderwerp vinden?

      U kunt rond gaan vragen bij vrienden, familie en kennissen naar tips en ervaring . Ga eens kijken bij een training die u aanspreekt en vraag of u een paar proeflessen mag volgen.

      De lessen van bijna alle trainingen die u wilt volgen of volgt gaan over de training van uw hond, thuis moet u het zelf in de praktijk gaan brengen. Zo krijgt u een goed opgevoede hond.

      Er bestaan boeken en video’s die u kunnen adviseren over verschillende trainingen en wat deze inhouden.

      Zorg dat u en uw hond plezier blijven houden , welke training u ook volgt.

      ^

  • Dementieverschijnselen
    • Ouderdom komt met gebreken, dit geld niet alleen voor de mens maar ook voor honden. Een van deze gebreken is dementie, en een vorm van dementie is de ziekte van Alzheimer.

      Kenmerkend van deze ziekte is dat wat een hond tijdens zijn leven heeft geleerd weer vergeet:

      - het vergeten van mensen die men heeft leren kennen tijdens zijn leven

      - verlies van coördinatie

      - verlies van inzicht

      - veranderd dag en nacht ritme (overdag slapen en ’s nachts actief)

      - verlies van korte termijn geheugen

      - desoriëntatie

      - incontinentie

      De oorzaak van deze gedragsstoornis is schade in de hersenen. Dit komt door twee afwijkingen:

      1. Afwijkingen in de wanden van bloedvaten in de hersenen met als resultaat een veranderde doorbloeding.

      2. Afzetting van emloïd (eiwitachtig materiaal) tussen de cellen. Emloïd neemt ruimte in tussen de cellen en dit is schadelijk voor de cellen in de omgeving.

      Om een beter inzicht te krijgen in de ziekte van Alzheimer wordt de hond als model voor de mens gebruikt. Door een betere voeding en verzorging worden honden net als mensen steeds ouder. Niet iedere oude hond die zich vreemd gedraagt is dement.

      In een onderzoek is het afwijkende gedrag in kaart gebracht met behulp van vragenlijsten, zijn de hersenen van honden onderzocht op afwijkingen die ook in de hersenen van oude gezonde en oude dementerende mensen voorkomen en is onderzocht om met een bloedonderzoek dementie bij de hond vast te stellen.

      De resultaten

      1. Er is een vragenlijst ontwikkeld waarmee het gedrag van een hond kan worden geanalyseerd door een dierenarts. Honden die problemen hebben met hun lever kunnen ook dementachtige verschijnselen vertonen.

      2. De afwijkingen in hondenhersenen vertonen grote overeenkomsten met de afwijkingen in mensenhersenen wat betreft amloïdafzetting en oxidatieve schade.

      3. Een van de eindproducten van oxidatieve schade is lopfuscine-achtige pigmenten (LFP). Dit product verspreidt zich vanuit de hersenen naar de rode bloedcellen waardoor in het bloed bepaald kan worden of er oxidatieve schade in de hersenen heeft plaatsgevonden. De samenstelling van deze LFP is bij demente honden verschillend dan van die bij niet demente honden.

      Conclusie

      De hond is een ideaal model om de ziekte van Alzheimer te bestuderen. Het is interessant om te onderzoeken of de samenstelling van LFP gebruikt kan worden om te voorspellen of een jonge hond al dan niet dement zal worden in de toekomst. Nu moet er nog worden onderzocht of deze voorspelling ook voor mensen gedaan kan worden, door de LFP samenstelling te onderzoeken. Hierdoor zou de ziekte van Alzheimer in een vroeg stadium gediagnosticeerd kunnen worden en de verschijnselen wellicht geremd of voorkomen.

      ^

  • Ouderdomsproblemen
    • Ouderdom komt met gebreken, dat geldt helaas ook voor huisdieren. Naarmate uw huisdieren ouder worden, wordt de kans op het ontstaan van bepaalde ziekteproblemen groter.

      Oudere dieren worden minder actief, waardoor gemakkelijk overgewicht  kan ontstaan. Overgewicht maakt dat het dier  minder actief wordt en vergroot de belasting van het meestal zwakker wordende stelsel van spieren en gewrichten. Tevens lopen dieren met overgewicht meer risico op bijv. een stofwisselingsziekte  zoals suikerziekte ( bij de hond of kat ) en leververvetting ( kat )

      Voor honden en katten met overgewicht hebben wij een speciaal afvalprogramma vraag hierna bij de balie.

      Slijtage aan de gewrichten door ouderdom, eventueel versneld door een erfelijk aangelegde gewrichtsprobleem, leidt eveneens tot verminderde activiteit wat dus overgewicht bevordert. Zoals hierboven al vermeld geeft dit extra belasting voor de al aangetaste gewrichten. Een vicieuze cirkel waarbij de patiënt steeds minder beweegt en dikker wordt ligt hier op de loer. Kreupelheid kan de kwaliteit van leven ernstig aantasten, bijvoorbeeld door artrose.

      Verminderde nierfunctie is bij oudere dieren een veel voorkomend probleem. De klachten die u aan uw huisdier kunt opmerken zijn: slechte eetlust, vermageren, braken, veel drinken en plassen.

      Gebitsproblemen  zoals; tandsteen, ontstekingen van het tandvlees en verlies van tanden en kiezen neemt toe met het vorderen van de leeftijd. Sommige dieren zijn veel gevoeliger voor het ontstaan van deze problemen dan andere, en kunnen dit zelfs op jonge leeftijd al krijgen. Met tanden poetsen beginnend op een jonge leeftijd kun je een deel van het probleem voorkomen.

      Hormonale ziekten, zoals suikerziekte, Cushing Syndroom komen vaker voor bij oudere dieren, en hyperthyreoide ( te snel werkende schildklier ) bij de kat vrijwel alleen bij dieren ouder dan 12 jaar.

      Tumoren het ontstaan van tumoren ( kanker ) is afhankelijk van veel factoren, zoals opname van bepaalde stoffen via eten of inademing, straling ( UV, röntgen), erfelijke aanleg ( bepaalde rassen zijn duidelijk gevoeliger voor het ontwikkelen van tumoren)  en nog vele onbekende factoren.

      Uw huisdier kan gelukkig ook gezond oud worden, maar de kans op een of meerdere van bovenstaande problemen is vrij groot. Voor eigenlijk alle ziekten geldt dat een vroegtijdige diagnose en behandeling uw huisdier een betere kans geeft om met zo min mogelijk problemen oud te worden. Bij ziekteproblemen moet u uiteraard uw dierenarts te hulp roepen, maar omdat een vroegtijdige behandeling tot betere resultaten leidt is het verstandig om oudere dieren periodiek, uit voorzorg, een grondig gezondheidsonderzoek te laten ondergaan.

      ^

  • Hoera een nieuwe pup!
    • Alle puppy’s zijn lief en schattig en voor sommigen is het moeilijk om de verleiding te weerstaan om een pup aan te schaffen zonder te consequenties te overzien.  Het aanschaffen van een pup brengt veel verantwoordelijkheidsgevoel met zich mee. Onthoud altijd goed: een puppy blijft geen puppy. Binnen een jaar is het een volwassen hond die gemiddeld tien jaar of meer zal leven. Voordat u een puppy aanschaft denk dan na dat het een aankoop voor jaren is en u uw levensstijl deels zal moeten aanpassen

      Waar kan ik het beste een pup ophalen?

      Er bestaan rashonden en kruisingen. Als u een rashond wil aanschaffen neem dan contact op met een vereniging van de rashond. Die kunnen u het beste vertellen welke fokkers goed staan aangeschreven en welke niet. Als u een ras heeft uitgekozen ga dan opzoek naar informatie over dit ras; hoe is het karakter, welke problemen komen veel voor bij dit ras enz. Door veel te lezen over het karakter van het ras kunt u zo kijken of het ras bij u past.

      Koop geen puppy’s van handelaren, deze zijn niet betrouwbaar en er kunnen zich problemen voordoen met de hond.

      Als u naar de pup gaat kijken let er op dat de moeder van de hond altijd aanwezig is.

      U kunt ook gaan kijken bij een asiel. Daar zitten veel honden die gered of afgedankt zijn en die op een nieuw huisje wachten. Vraag altijd bij het asiel of ze iets van de achtergrond van de hond weten. Als de hond niet met kleine kinderen kan, ga dan na bij uzelf of er veel kleine kinderen bij u over de vloer komen.

      Hoe kan ik zien of een puppy gezond is?

      Een pup hoort schone oren, ogen en neus te hebben. Een pup hoort ook alert te reageren op geluiden. Als u de pup in huis heeft is het verstandig om de pup aan uw eigen dierenarts te laten zien voor controle of er al problemen zijn of dat u problemen in de toekomst kan verwachten.

      Hoe kan ik erachter komen wat voor karakter de pup heeft?

      Een gezonde pup hoort actief, geïnteresseerd en speels te zijn. Het is een slecht teken als de pup nerveus is of de hele tijd slaapt. Wel is het normaal dat puppy’s een lange tijd achter elkaar slapen. Wacht daarom een hele tijd bij de fokker om de pups te observeren voordat u een beslissing neemt welke pup het moet worden. De ervaringen die een pup in zijn jonge leven heeft opgedaan dragen er toe bij dat de pup een gezond en gelukkig leven lijdt in uw huishouden. Hoe jonger een pup aan kinderen of katten went hoe beter het gaat.

      Welke vragen moet ik aan de fokker stellen?

      Normaal blijven de pups tot een leeftijd van 8-12 weken bij de moeder. Vraag de fokker voordat u de pup mee naar huis neemt welke zorg de pups kregen. Ga eerst hetzelfde voer voeren dat de fokker de pups gaf, en stap daarna rustig over dan een ander voer, indien dit gewenst is. Vraag welke vaccinaties de pup heeft gehad en vraag om een inentingsboekje. Alle pups hebben wormen, vraag of de fokker de pups ontwormt heeft en wanneer. Puppy’s moeten voor de 7de levensweek gechipt en geregistreerd zijn. Dit moet in het entingsboekje vermeld staan.

      Welke dingen hebben we nodig?

      Voordat u de pup ophaalt zorg dan dat er een water-en voerbak is. Een kussen/mand, een riem en halsband, speeltjes en vachtverzorgingsproducten.

      Wat als ik nog meer dieren heb?

      Laat de hond en de andere dieren langzaam en rustig aan elkaar wennen, maar laat ze nooit alleen! Het is voor de socialisatie van de pup goed om hem met zoveel mogelijk andere mensen en dieren in aanraking te laten komen.

      Wat moet ik nog meer doen?
      Ga zo snel mogelijk met de pup naar uw dierenarts voor een check-up. Laat uw pup wennen aan de borstels voor de vachtverzorging. Ook is het verstandig om zo jong mogelijk te beginnen met tanden poetsen. Zo zorgt u er namelijk voor dat er minder snel tandplaque en tandsteen ontstaat en dat uw hond onder narcose moet om tandsteen te verwijderen.

      Begin zo snel mogelijk met een puppycursus. Tijdens deze cursus leert u puppy om te gaan met andere mensen en honden. De cursus maakt een deel uit van de socialisatie van een pup.

      Gedurende deze fase wordt de basis gelegd voor de ontwikkeling van het karakter. Bovendien is intensief bezig zijn met u pup een goede gelegenheid om elkaar beter te leren kennen.

      In alledaagse situaties (autoritten, de komst van de postbode, contact met (buur)kinderen, confrontaties met vrachtwagen, stofzuiger enz.) dient u pup zich lekker te voelen, zodat hij nieuwsgierig en niet agressief of angstig reageert. Stel u pup geleidelijk bloot aan nieuwe indrukken en geluiden en laat hem zelf zijn wereld ontdekken.

      Honden zien kinderen als een andere bijzondere soort dan mensen. Ze bewegen, reageren en praten anders. Daarom is het belangrijk dat ook kinderen weten hoe ze met een pup moeten omgaan. Wel is het verstandig om kinderen en honden nooit alleen te laten.

      ^

  • Botproblemen bij jonge honden
    • Puppy’s groeien maanden of zelfs jaren na de geboorte. Grote rassen hebben pas hun volwassen gewicht op een leeftijd van 18 maand tot 2 jaar. Tijdens deze groeiperiode is het risico groot dat uw hond last krijgt van bot-en gewrichtsproblemen. Sommige problemen zijn aangeboren zoals bijvoorbeeld heup-en elleboog dysplasie. Een traumatische letsel kan ook tot schade leiden.

       Waarom worden botproblemen bij puppy’s zo serieus genomen?
      Puppy’s en jonge honden hebben een snelle genezing als het gaat om botbreuken, als het bot gebroken is kan het in een snel tempo genezen. Als een pup is geboren zijn delen van de boten nog zacht en zo kunnen makkelijk mee groeien met de pup. Deze delen worden groeischijven genoemd. Als een hond zijn volwassen gewicht heeft bereikt zal de groeischijf hard worden. Als er tijdens de groei iets gebeurt met de botten kan dit levenslange schade aan de botten tot gevolg hebben.

       Hoe kan een groeischijf beschadigd raken?
      Schade aan de groeischijf kan komen door een trauma, een klap of schop tegen een poot hoeft niet meteen te betekenen dat de poot gebroken is maar er kan ook schade zijn aan de groeischijven. Als u dit overkomt met een jonge hond laat deze dan even na kijken door een dierenarts om problemen te voorkomen.

       Kunnen botproblemen ontstaan door een slecht dieet?

      Een uitgebalanceerd dieet is zeer belangrijk voor gezonde botten. als een dieet dat niet genoeg calcium bevat zullen de botten ook niet sterk genoeg worden. Puppy’s die alleen maar vlees te eten krijgen kunnen last krijgen van het all meat symdrome. Kort samengevat houdt dit in dat een hond een calcium gebrek heeft. Er zijn calcium supplementen op de markt maar deze kunnen gevaarlijk zijn en u kunt er te weinig van geven. Zorg daarom dat uw pup een goed uitgebalanceerd dieet heeft om problemen te voorkomen.

      Puppy’s met weke botten kunnen pijnlijke poten hebben en zijn lusteloos. Soms zijn de botten zo week dat de zeer makkelijk breken.

      De conditie van de pup kan makkelijk verbetert worden door de pup een uitgebalanceerd voer te geven. De conditie gaat niet binnen een dag omhoog maar dat duurt een paar weken, in deze weken zijn de botten nog week en moet er opgepast worden dat de botten niet alsnog breken.

       Wat is panosteitis?
       Panosteitis is een beenderziekte bij honden dat gekenmerkt is door beenderzwakte en vervorming van het been. Een pup kan van het een op het andere moment gaan kreupelen gedurende een week, dan loopt de pup weer normaal en ineens begint de pup met de andere poot ter kreupelen. De conditie van de botten kan worden vastgesteld door middel van een röntgen foto. In de meeste gevallen kunnen de problemen worden opgelost met pijnstillers. Als de pup volgroeid is zullen ze problemen ophouden.

       Welke andere problemen kan mijn pup krijgen?
      Sommige puppy’s worden geboren met genetische afwijkingen. Sommige afwijkingen komen vaker voor dan andere. Er zijn een paar genetische afwijkingen die de botten aantasten. De bekendste is heupdysplasie (HD).

      Er bestaan schema’s waarop je kunt bijhouden hoe de conditie van de botten is van uw pup. 

      De eerste paar maanden is de belangrijkste periode voor de botten van uw pup.Geef uw pup een  goed dieet en regelmatige beweging zijn essentieel voor uw hond. Als u voor het eerst een pup aanschaft raadpleeg uw dierenarts voor de verzorging van de pup.

      ^

  • Groeicurve van een pup
    • Hier kan u een groeicurve downloaden, waarbij u bij kunt houden of het gewicht van uw hond op maat is en informatie over inenting en ontworming bij kunt houden.

      Groeicurve

      ^

  • Socialisatie van de pup
    • Socialisatie betekent, dat een hond leert, relaties op te bouwen met mensen, met andere honden en met zijn omgeving. Dit proces duurt een leven lang. Echter zolang uw hond nog een pup is, maken zowel goede als ook slechte nieuwe ervaringen de grootste indruk op hem. Deze ervaringen zijn voor de toekomst van uw hond van doorslaggevende betekenis en hebben blijvende uitwerkingen op zijn gedrag in zijn latere leven. Tijdens de eerste weken dient u met uw pup een intensief socialisatieprogramma te doorlopen. Gedurende deze fase wordt de basis gelegd voor de ontwikkeling van het karakter van uw hond. Daarnaast kunnen u en uw dier elkaar veel ergernis besparen door een goede opvoeding. Bovendien doet het intensieve bezig zijn met uw pup u beiden plezier en het is de beste gelegenheid om elkaar over en weer goed te leren kennen.

       U dient er zo vroeg mogelijk mee te beginnen om uw pup te socialiseren. Ook zijn vaccinatieprogramma vormt geen belemmering voor de socialisatie.

       Als u de ergste poepveldjes maar vermijd, want  wandelen is erg belangrijk!

       In  alledaagse situaties, waarmee uw pup in de toekomst vaak geconfronteerd zal worden, dient hij zich lekker te voelen. Dat geldt voor ritten in de auto, evenals voor het bezoek van de postbode of voor contact met buurkinderen (en kinderen in het algemeen), voor confrontaties met grote vrachtwagens of auto’s, met grote dieren, met stofzuigers, met wasmachines en met vele andere zaken.

       Uw hond dient op alle mogelijke gebeurtenissen te zijn voorbereid, zodat hij bij een nieuwe belevenis of ontmoeting met een onbekende persoon nieuwsgierig reageert en niet agressief of angstig is. Stel uw pup slechts geleidelijk bloot aan nieuwe indrukken en geluiden. En laat hem zijn wereld zelf ontdekken.

      Het is belangrijk dat uw zich in het gezelschap van mensen en kinderen absoluut op zijn gemak voelt. Daarom moet hij aan de omgang met de meest uiteenlopende types gewend worden. Ook aan het contact met kinderen moet uw hond al vroeg genoeg wennen. Het is echter belangrijk, dat ook de kinderen weten, hoe ze met een pup moeten omgaan. Daarom is het verstandig om in elk geval altijd een volwassene erbij aanwezig te laten zijn. Meestal zien honden kinderen als een bijzondere soort. Kinderen bewegen anders dan volwassenen en spreken en reageren ook anders. Het is daarom belangrijk om hier goed mee om te gaan.

      Ook het contact met andere honden is belangrijk. Een goede mogelijkheid voor het contact met andere pups is het bezoek aan de zogenaamde “puppybijeenkomsten”op het clubterrein van een vereniging of bij een hondenschool. Daar kan uw pup in een vriendelijke omgeving wennen aan de omgang met andere honden (en mensen).

      Zie ook onze links voor een goede training van uw pup.

      ^

  • De vakantie komt er weer aan!
    •  Gaat uw huisdier mee op vakantie of blijft uw dier bij familie of in een pension. Bij alle mogelijkheden dient u rekening te houden met bepaalde zaken.

       Gaat uw hond mee naar het buitenland?

      Dan gelden er binnen de EU de volgende algemene regels:

      -          De dieren moeten in het bezit zijn van een Europees paspoort

      -          De dieren moeten gevaccineerd zijn tegen Rabiës

      -          De dieren moeten geïdentificeerd zijn

      Het Europees paspoort:

      Vanaf 3 juli 2004 is een Europees paspoort verplicht, deze zijn verkrijgbaar bij uw dierenarts als u uw dier laat enten dan wordt het ‘oude’ inentingsboekje vervangen door een Europees paspoort. Omdat het nu een officieel reisdocument is zijn er wel kosten aan verbonden. Het paspoort bestaat uit twee delen; een voor het bijhouden van gezondheidscontroles en overige vaccinaties en een officieel gestandaardiseerd reisgedeelte.

       Identificatie:

      Identificatie kan door middel van een microchip. Het nummer van de microchip moet vastgelegd zijn in het paspoort.

       Voor sommige landen, zoals Noorwegen en Ijsland gelden naast bovengenoemde zaken nog een aantal aanvullende eisen. Voor meer informatie raadpleeg uw dierenarts of het LICG.

       Rabiës:

      Rabiës oftewel hondsdolheid is een virusziekte die levensgevaarlijk is voor alle warmbloedige dieren inclusief de mens. De ziekte komt in het wild voor bij vossen en vleermuizen. Voorkom alle ellende en ent uw huisdier hiertegen.

       LET OP!!!

      De rabiës enting moet minimaal 3 weken voor vertrek uit Nederland worden toegediend. Het is ook verstandig om uw huisdier te ontwormen tegen hartwormen en te beschermen tegen teken en zandvliegen.

       Ontwormadvies buitenland:

      Elke hond of kat kan wormen krijgen, maar in sommige landen komen er hartwormen voor. Zoals frankrijk, Duitsland en Italië. Elke hond of kat kan dit oplopen door een beet van een besmette mug. Deze aandoening komt in Europa voornamelijk voor rond de Middellandse zee. De wormen parasiteren in het hart en de grote bloedvaten rond het hart. Via het belemmeren van de bloedsomloop kunnen zij een verstoring veroorzaken met o.a. kortademigheid, hoesten, verminderde conditie en zelfs hartfalen.

       Dus gaat uw hond of kat mee naar het Middellands zeegebied zorg dan dat uw hond of kat niet besmet raakt met hartwormen

      Dit kunt u voorkomen door uw hond of kat te ontwormen met een middel dat ook tegen hartworm helpt.

       Bescherming tegen teken en zandvliegen:

      Wanneer een geïnfecteerde zandvlieg uw hond steekt, kunnen veel parasieten worden achtergelaten in de hondenhuid. Ze laten een kleine verwonding achter. Als deze aan het genezen is verspreiden de parasieten zich door het lichaam van uw hond en zo kunnen ze de ziekte leishmaniose overbrengen. Deze ziekte wordt gekenmerkt door haaruitval en ontstekingen van de huid, met name aan kop en poten en vooral waar de huid in contact komt met de grond.

      U kunt uw hond hiertegen beschermen door hem een tekenband die ook tegen zandvliegen helpt te laten dragen.

      Een band die u zou kunnen gebruiken is de Scalibor protectorband. Deze band is 5 tot 6 maand werkzaam en waterproof.

       Heeft u hond last van reisziekte?

      Honden die last hebben van reisziekte kunnen de volgende symptomen gaan uiten:

      - Hypersalivatie (overmatig kwijlen)

      - Hijgen, slikken, lippen aflikken

      - Rusteloosheid,  angst, trillen en beven

      - Kokhalzen

      - Braken

      Bijna 1 op de 6 honden heeft wel eens last van reisziekte. Dat is niet alleen heel vervelend voor het dier, maar ook voor de eigenaar.

      Reisziekte wordt veroorzaakt doordat bij bepaalde richtingsveranderingen een verschil ontstaat tussen de waargenomen beweging en de werkelijke beweging. De werkelijke beweging wordt geregistreerd in het vlak bij het gehoororgaan gelegen evenwichtsorgaan. In de zogenaamde halfcirkelvormige kanalen zit een vloeistof die endolymfe heet, en die vooral door draaiende bewegingen in beroering wordt gebracht. Wanneer de signalen uit het evenwichtsorgaan (de werkelijke beweging) niet overeenkomen met die vanuit andere zintuigen zoals de ogen (de waargenomen beweging) dan leidt dit tot desoriëntatie. Bij gevoelige individuen wordt daardoor het braakcentrum in de hersenen geactiveerd.

       De nieuwe oplossing: veilig, gemakkelijk en betrouwbaar

      Veel van de middelen die tot nu toe worden gebruikt zijn of niet erg effectief, of hebben als bijwerking dat de hond er behoorlijk suf van wordt. Met het nieuwe middel tegen misselijkheid en braken op basis van de werkzame stof maropitant komt daar verandering in: het voorkomt in tot 93% van de gevallen het braken gedurende de reis, en heeft geen bijzondere bijwerkingen. Het kan tussen de 1 en 10 uur voor aanvang van de reis worden toegediend in de vorm van een gemakkelijk in te geven tablet. De preventie van de reisziektesymptomen duurt minstens 12 uur. Wanneer vroeg met een reis moet worden begonnen kan het middel dus reeds worden gegeven op de voorafgaande avond.

       Indien uw hond naar een pension gaat, informeer dan tijdig welke entingen verplicht wordt gesteld door het pension. Vaak is dit de cocktail (jaarlijkse enting) en de kennelhoest enting.

       Voor meer informatie raadpleeg uw dierenarts, of kijk op www.wagenziekte-honden.nlof www.weknowyoucare.nl

      ^

  • De bevalling en eventuele problemen
    • Bij de bevalling (werpen) van een teef  wordt verdeeld in 3 fasen.

      Fase 1 (voorbereidingsfase): deze fase duurt 12 tot 24 uur. In deze tijd verandert het gedrag van de teef. Ze wordt onrustig en gaat proberen een nest voor de puppy’s te maken. Teefjes kunnen weigeren te eten en kunnen gaan braken. De teef zal gaan hijgen en trillen. In deze fase is de baarmoeder aan het samentrekken en de baarmoederhals gaat uitzetten. Ook kun je heldere waterachtige vloeistof rond de vulva zien.

      Fase 2 (de bevalling): in deze fase zal te teef beginnen met persen. Het persen zal resulteren in een puppy. Er mogen niet meer dan 2 uur tussen de geboorte van 2 puppy’s zitten. Gemiddeld duurt dit 15 minuten.

      Fase 3: dit is de fase waarin de placenta naar buiten komt. Meestal komt er na elke pup de placenta. Het kan ook zijn dat er eerst 2 pups geboren worden en dan 2 placenta’s. Let er goed op dat er evenveel puppy’s en placenta’s zijn.


      Wat als er geen puppy’s geboren worden?

      Soms kan het zo zijn dat de teef wel aan het persen is maar dat er geen puppy geboren wordt. De oorzaak kan zijn dat de pup niet door het geboortekanaal past. De teef kan in problemen raken door lang persen zonder resultaat, of dat de weeën stoppen en de teef dus stopt met persen. Als u het niet vertrouwt of de puppy’s door het geboortekanaal kunnen, of te teef is erg lang aan het persen zonder resultaat neem dan direct contact op met uw dierenarts. Als het te lang duurt kan het, het leven kosten aan de teef en aan de puppy’s.

      Hoe weet ik of mij teef problemen heeft?

      - Verlengde dracht: als de dracht langer dan 70-72 dagen duurt moet u contact opnemen met uw dierenarts. Langere dracht zorgt voor grotere puppy’s die niet meer door het geboortekanaal passen.

      - Uitblijven van de bevalling: de bevalling moet na maximaal 24 uur na de voorbereidingsfase op gang komen. De temperatuur van de hond kan zakken tot 37˚C.

      - Het niet komen van puppy’s: een pup wordt normaal geboren na 1 uur actief persen en na 4-6 uur minder actief persen. Bel uw dierenarts als er zich de volgende problemen voordoen:

      · 30 minuten sterk persen zonder dat er een puppy geboren wordt

      · 2 a 3 uur zwakke persweeën zonder dat er een puppy wordt geboren

      · 4 uur of meer tussen de geboorte van 2 puppy’s

      · Andere problemen (bijvoorbeeld een puppy hangt er deels uit)

      - Problemen met de puppy’s: als een puppy is geboren en hij ademt erg zwak

      - Problemen met de teef: als de teef ziek is kan dit een gevaar opleveren voor de puppy’s. Als de teef tijdens de dracht groene overvloedige uitscheiding of een bloeding heeft tijdens de bevalling neem dan direct contact op met uw dierenarts

      - Problemen van de baarmoeder: de spieren van de baarmoeder kunnen slecht samentrekken, abnormale verbinding van baarmoeder met foetus, of de baarmoeder is verdraaid of gescheurd. Als de spieren van de baarmoeder niet (genoeg) samentrekken, moeten de puppy’s gehaald worden door middel van een keizersnee. In andere gevallen kunnen de spieren zich zo ontwikkelen dat de baarmoeder alsnog voldoende samenperst voordat de puppy’s geboren worden. Bij problemen kan er glucose en andere medicijnen toegediend worden om de samentrekkingen alsnog op te wekken, maar een keizersnee kan alsnog uitgevoerd moeten worden, indien de medicijnen niet werken

      - Problemen met het geboortekanaal: door schade aan het bekken (geheelde breuk) kan het zijn dat het geboortekanaal nauwer is geworden. Sommige teven hebben van nature al een nauw geboortekanaal of een te kleine vulva waardoor de puppy’s niet via de natuurlijke weg geboren kan worden

      - Problemen door de puppy’s: soms zijn puppy’s te groot voor het passeren van het geboortekanaal, dit kan komen doordat de puppy’s te lang in de baarmoeder zitten of omdat de kopjes van de puppy’s erg groot zijn in verhouding met de rest van het lichaam. Puppy’s kunnen ook in een verkeerde ligging inde baarmoeder liggen. Normaal wordt eerst de kop geboren met gestrekte voorpoten en dan pas de rest van het lichaam. Bij een verkeerde ligging kan het zijn dat eerst de kont van de pup geboren wordt en dan pas de rest. De meeste rashonden worden in een normale houding geboren. Bij uitzondering kan een puppy vastzitten in het geboortekanaal door een verkeerde houding. Als dit het geval is zal er een keizersnee uitgevoerd moeten worden

      - Sommige honden hebben al zienbare problemen voor de bevalling, waardoor deze niet op natuurlijke wijze kan verlopen: als dit het geval is zal de dierenarts al een datum prikken om de puppy’s via een keizersnee ter wereld te brengen.

      ^

  • De ouder wordende hond
    • Net als bij mensen  kan de ouderdom van een hond met wat ongemakken gepaard gaan. Veel van deze ongemakken zijn te verhelpen of te verlichten. We nemen al gauw aan dat een hond zich rustig gedraagt omdat hij nu eenmaal ouder is. Een oude hond kan ook rustig zijn omdat hij oud pijn heeft; bijv. last van een slechte kies of te lange nagels. Ook geestelijk gaat de hond bij het ouder worden veranderen. Ouder worden is geen plotselinge gebeurtenis maar een langzame verandering. Het ouder worden brengt een aantal lichamelijke en geestelijke veranderingen met zich mee. Het lichaam functioneert wat trager en oudere honden hebben meer moeite met het accepteren van veranderingen. Oude honden slapen wat meer, zijn eerder moe en zijn gesteld op veel regelmaat in hun leven.

      Voeding van de oudere hond

      Mensen met te dikke oude honden zijn vrijwel altijd mensen die zielsveel van hun hond houden. Toch willen wij u erop wijzen dat u de hond geen plezier doet met overgewicht. Het is ongezond en uw hond heeft er dagelijks last van. Een te dikke hond lijdt sneller pijn door overbelasting van de gewrichten en is vaak kortademig, zeker als hij ouder wordt. Sommige fabrikanten hebben besloten om glucosamine aan hun voeding toe te voegen omdat dit de pijnlijke gevolgen van slijtage van de gewrichten (artrose) helpt verminderen( hill’s canine j/d). Ook zijn er voedingssupplementen voor honden verkrijgbaar die dagelijks gegeven moeten worden. Het gaat hierbij om Caniflexine, er zijn namelijk veel oudere honden met gewrichtsproblemen. Ook is er hill’s canine b/d. Dit is een voeding die bij een vroege diagnose en met de juiste behandeling ongewenste gedragsveranderingen die met hersenveroudering gepaard gaan verminderen of zelfs terugdraaien.

      Drinken

      Let op dat er altijd voldoende drinkwater voor de hond staat. Heeft u een oudere hond die vaker moet plassen dan vroeger, weet dan dat het ongezond is om de hond minder drinken te geven. Voldoende drinken is noodzakelijk om het lichaam goed te laten functioneren. Gaat u hond opeens veel meer drinken dan gebruikelijk, maak dan een afspraak met de dierenarts, dit kan duiden op een medisch probleem.

      ^

  • Hoe vaak dient een hond gevoerd te worden?
    • Pups:

      • minder dan 2 maanden: 4 maal per dag voeren
      • tussen de 3-6 maanden: 3 maal per dag voeren
      • meer dan 6 maanden (dus ook de volwassen hond): 2 maal per dag voeren

      Er kunnen redenen zijn om een volwassen hond vaker per dag te voeren:
      • brakende honden moeten vaker gevoerd worden en in kleinere porties
      • honden die gras eten
      • honden met obesitas geef je driekwart van het normale daghoeveelheid, vaker en in kleinere porties.

      Puppyvoeding moet gevoerd worden tot de hond 90% van zijn eindgewicht heeft bereikt. Voor een Duitse dog is dit tot een leeftijd van 1.5 jaar.
      Pups die later meer dan 25kg gaan wegen dienen gevoerd te worden met large breed voeding

      Senior voeding wordt aan een hond van meer dan 25kg vanaf 5 jaar gevoerd en de rest vanaf 6 jaar.
      Voor een kat ongeveer 6-7 jaar.

      Dracht/lactatie: Als de teef 5-6 weken drachtig is dan moet de teef puppybrokjes gevoerd krijgen.
      Bij een goede voeding verbetert de vacht van een hond binnen 4-6 weken. Bij de kat binnen 2 weken

      ^

  • Alles over wormen
    • Het kan schokkend zijn als u ontdekt dat uw hond wormen heeft maar alle dieren zijn geïnfecteerd, alleen niet bij alle dieren komen de wormen eruit. In zeer zeldzame gevallen zijn wormen een serieus probleem. Het voorkomen of bestrijden van wormen kan op een makkelijke en relatief goedkope manier. Sommige soorten wormen zijn ook besmettelijk voor mensen.

      Welk soort wormen besmetten honden?
      Er zijn twee belangrijke groepen wormen die honden kunnen besmetten, de rondwormen en lintwormen. Rondwormen kunnen 15 cm lang worden en zijn wit van kleur. De naam doet vermoeden dar ze rond zijn, maar ze zijn plat. Lintwormen kunnen 60 cm lang worden.
      Beide soorten wormen leven samen met nog twee soorten wormen, de haakworm en de zweepworm. In sommige landen leven ook wormen die in het hart kunnen gaan zitten, de hartworm.

      Welke schade kunnen wormen veroorzaken?

      Spoelworm
      Spoelworm
      Wormen kunnen zorgen voor; diarree, uitdroging en bloedarmoede. Bloedarmoede kan weer zorgen voor andere ziektes. Als de hond veel wormen heeft kan de hond veel gewicht verliezen, een droge en ruwe huid, of een dikke buik krijgen. Het is gevaarlijker als puppy's geïnfecteerd zijn door wormen. Ze kunnen achterblijven met de groei en soms heeft het de dood tot gevolg.. Als er zeer veel wormen in uw hond aanwezig zijn kunnen ze de darmen afsluiten en dit kan de dood tot gevolg hebben.

      Hoe kunnen wormen worden doorgegeven?
      Lintworm
      Lintworm
      Rondwormen leggen in de ingewanden van uw hond duizenden eitjes die bij de ontlasting mee komen. De eitjes kunnen maanden of soms jaren overleven in de grond, hierdoor kunnen andere dieren ook besmet raken. Ze vinden hun weg direct (opgegeten worden door een hond) of indirect (een knaagdier is besmet en worden opgegeten door een hond). Wormen die net uit de eitjes zijn gekomen kunnen in het weefsel van een hond leven en kunnen zo drinkende puppy's infecteren.

      Lintwormen kunnen zich verankeren aan de ingewanden van een hond en groeien door en leggen pakketten met eieren. De segmenten van wormen kunnen afbreken en komen met de ontlasting mee naar buiten. De segmenten lijken op graankorrels die na een tijdje opdrogen.
      Het meest voorkomende soort lintwormen die op een andere hond terecht komen bewegen zich bijna hetzelfde als vlooien.

      Hoe kom ik erachter of mijn hond wormen heeft?
      Kijk niet alleen naar de algehele gezondheid van uw hond maar ook naar de ontlasting. Door hier naar te kijken kunt u erachter komen of uw hond wormen heeft. Let op of u een soort rijstkorrels of een streng ziet die uit segmenten is opgebouwd.

      Hoe kan ik de wormen vernietigen?
      Er zijn verschillende soorten middelen op de markt die wormen doden. Ze zijn te verkrijgen in: tabletten en pasta. Niet alle middelen werken even goed en tegen alle soorten wormen. Vraag uw dierenarts om advies welk middel het beste is voor uw hond. Het is het beste om alle dieren die u bezit allemaal tegelijk te ontwormen, zo voorkom je dat dieren elkaar weer besmetten.
      Volwassen dieren kunt u het beste minimaal 4 maal per jaar ontwormen. Voor pups geldt: ontwormen op een leeftijd van 2, 4, 6 en 8 weken, dan om de maand tot de pup een half jaar is. Daarna ook 4 maal per jaar.

      Kunnen andere mensen ook wormen van mijn hond krijgen?
      De rondworm kan worden overgebracht van de hond op de mens. Wormen kunnen net zoals bij dieren ook bij mensen vervelende gevolgen hebben, een kind kan er bijvoorbeeld blind van worden.

      Wat zijn de mogelijkheden om de kans op besmetting te verkleinen?
      Naast het regelmatig ontwormen van uw hond zijn er nog een aantal dingen wat u kunt doen om het risico zo minimaal te houden.
      • Als uw hond uw tuin als toilet gebruikt, ruim dan de ontlasting zo snel mogelijk op en stop het in een goed sluitbare zak.
      • Controleer uw hond op tekens van vlooien. Ontvlooi uw hond regelmatig. Vlooien komen het meeste voor in de zomer en herfst, maar dat wil niet zeggen dat vlooien niet het gehele jaar voor kunnen komen.
      • Laat kinderen geen vieze vingers of voorwerpen in de mond stoppen, dit kan u kind in contact brengen met eitjes van wormen. Was de handen van de kinderen na het spelen en vooral als de kinderen in de buurt van een hondentoilet hebben gespeeld. Kinderen hebben het grootste risico om besmet te raken door contact met andere kinderen, niet door uw hond.

      ^

  • Druiven en rozijnen zijn levensgevaarlijk voor uw hond!
    • De meeste mensen weten dat chocolade giftig is voor uw hond. Maar wist u dat druiven en rozijnen ook giftig zijn voor uw hond. Een handje vol druiven of rozijnen kunnen uw hond al ernstig ziek maken. Het beste is om uw hond helemaal geen fruit te voeren. Andere soorten fruit kunnen ook giftig zijn voor uw hond.

      In druiven en rozijnen zit een stof die zeer giftig is voor honden. Om welke stof het gaat is nog niet bekend. Er is onderzoek gedaan naar bestrijdingsmiddelen, hoge concentraties vitamine D of de aanwezigheid van zware metalen, zoals zink en lood, die de boosdoener kunnen zijn, maar het onderzoek leverde geen goede verklaring op voor de vergiftigingsverschijnselen.

      De symptomen na het eten van druiven of rozijnen zijn:

      • meerdere malen braken
      • hyperactief tot nerveus gedrag
      • soms diarree

      Na 24 uur wordt de hond juist heel sloom en suf. De ademhaling wordt onregelmatig. Verder kan de hond buikpijn krijgen en zal niet meer willen eten en drinken. Er ontstaan uitdrogingverschijnselen en er zal geen urine geproduceerd worden. Dit komt door de ernstige nierfalen. Doordat er geen urine meer geproduceerd wordt raakt het lichaam de gifstoffen nier meer kwijt. Dit is een levensbedreigende situatie. Nierfalen kunnen 24 uur na het opeten van de druiven of rozijnen worden vastgesteld.

      Voorkomen is dus beter dan genezen. Let er goed op dat uw hond niet bij rozijnen en druiven kan. Leg alles waar rozijnen inzitten op een veilige plaats. Pas ook op voor druivenstruiken in uw achtertuin.

      Heeft uw hond toch rozijnen of druiven gegeten neem dan direct contact op met een dierenarts. Deze zal uw hond direct in behandeling nemen.

      ^

Adres:
Zunabrink 202
7544 DV Enschede
T: 053-4780520
E: info@dierenarts-enschede.nl

Onze praktijk ligt centraal in Enschede-Zuid
met volop parkeergelegenheid.
Routeplanner